Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

„Wel, heb je afscheid genomen?" vroeg mevrouw Willis, toen het meisje de eetkamer binnenvloog.

„Ja," zeide Con, „en wij zijn den tuin nog eens ron-rond geloopen, en-en o moeder, ik wil er nooit meer naar toe!"

Zij wierp haar bloemen en het pakje op de tafel en verborg haar gezicht in haar handen.

„Ik-ik hield zooveel van het lieve, oude huis," zeide zij snikkend! „Niemand zal er zoo voor zorgen, als wij gedaan hebben!"

Mevrouw Willis kwam naar haar toe en sloeg haar arm om de schokkende schouders van haar dochtertje.

„Beste meid, wij moeten dikwijls het een of ander afstaan, dat wij gaarne zouden behouden. Je moet in het dagelijksch leven even flink en blijmoedig zijn over een verlies, als je het zoudt wezen bij een verloren cricketspel. Kom, droog je tranen en vertel mij eens wat je daar hebt meegebracht."

„Och, dat is een prullerig cadeautje van mijnheer Prescot," antwoordde Con, met veel drukte gebruik makende van haar zakdoek. „Ik wil niet ondankbaar zijn, maar ik denk niet, dat het veel bijzonders zal wezen. Hij heeft gezegd, dat wij het niet mochten openmaken voor wij thuis waren."

„Roep de jongens, dan kunnen wij zien wat er in is."

Edgar, Bob en „het Juweel" kwamen langzaam de kamer binnen; laatstgenoemde was de eenige, die belang scheen te stellen in hetgeen er voorviel en met een blik, waarin twijfel en nieuwsgierigheid te lezen waren, hoorde hij wat mijnheer Prescot gegeven had.

„Nu Con, zou je het pakje niet eens openmaken? Mijnheer heeft het jou in handen gegeven," zeide Bob.

Zoo onverschillig mogelijk maakte Con het touwtje los en

Sluiten