Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

ziekte — dat was iets anders. Dankbaar ook dat hij zijne lezers opmerkzaam maakt op

.... de soete zephyr sucht Die door 't loome looff comt breken Met een ruysschende gerucht,

Met een flauwe Somer-soelte:

dat hij hen bewust heeft gemaakt van een stemming in de natuur, als weergegeven is in dit vers:

Stilte doock in tack en bladen.

Huygens is een der /.eer weinigen onder zijne tijdgenooten geweest, die in het strand iets anders zagen dan eene onvruchtbare vlakte, in de zee iets anders dan wat zij met een vast epitheton „de wilde /.ee" noemden. In zijn Dayh-werck blijkt ons dat uit deze verzen:

Ghinder ghij, mijn liever strand,

Enghe, ruijme, soete, silte,

Huchtighe, geruste stilte En ghij, endeloose plass Van koel en gesmolten glas.

al kunnen zulke verzen in diepte van gevoel, in oorspronkelijkheid van opvatting, in schoonheid geene vergelijking doorstaan met wat door latere, ook Nederlandsche, dichters van de zee is gezegd en gezongen.1

Of Huygens het eens zou geweest zijn met Breero, waar deze een zijner sonnetten besloot met „Het schooue van

1 De aangehaalde verzen in Ged. I, 221, 212—233, 222, 22»!, 272; 111, "8-79.

Sluiten