Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

ab homine iniquo et doloso erue me.

D. Quia tu es, Deus, fortitudo mea; quare me repulisti et quare tristis incedo, dum affligit me inimicus ?

P. Emitte lucem tuam et veritatem tuam; ipsa me deduxerunt et adduxerunt in montem sanctum tuurn et in tabernacula tua.

D. Et introibo ad altare Dei, ad Deum, qui laetificat juventutem meam.

P. Confitebor tibi in cithara Deus, Deus meus; quare tristis es, anima mea, et quare conturbas me?

D. Spera in Deo, quoniam adhuc confitebor illi; salutare vultus mei et Deus meus.

P. Gloria Patri et Filio et Spiritui sancto;

D. Sicut erat in principio et nunc et semper et in saeculasaeculorum. Amen.

P. Introibo ad altare

Dei.

red mij van den man des onrechts en des bedrogs.

Want Gij, o God, zijt mijn kracht. Waarom hebt gij mij teruggestooten en waarom ga ik treurend daarheen, als de vijand mij verdrukt?

Zend uw licht en uwe waarheid af; die zullen mij geleiden en heenvoeren naar uwen heiligen berg en naar uw woonverblijf.

En ik zal opgaan tot Gods altaar, tot God, de blijdschap mijner jeugd.

Met harpspel zal ik U loven, o God, mijn God! Waarom zijt gij treurend, mijne ziel, en waarom ontrust gij mij ?

Betrouw op God! Hem toch zal ik nog lofprijzen: Gij zijt mijns aanschijns heil en mijn God.

Glorie zij den Vaderen den Zoon en den H. Geest,

Gelijk het was in den beginne, nu en altijd en in de eeuwen der eeuwen. Amen.

Ik zal opgaan tot Gods altaar.

Sluiten