Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

In de „misse der geloovigen" echter, zijn alle onderdeden nauw aaneengeschakeld en blijven steeds in de innigste betrekking tot de h. Offerhandeling. Hier ontleenen alle gebeden, zoowel als de ceremonies en gebaren, beteekenis en zin aan dit hoogheilig middenpunt van den geheelen offer-ritus.

Daar nu dit goddelijk mysterie niet enkel als spijsoffer wordt „opgedragen" en „gekonsekreerd", maar ook als offerspijs zal worden „genuttigd", wordt de geheele „offer-handeling" uiteraard in drie hoofd-bestanddeelen liturgisch afgedeeld, namelijk:

I. De Offerande: het aanbieden der offer-elementen.

II. De Konsekratie: de voltrekking der offer-daad.

III. De Kommunie: de deelneming aan het gebrachte offer.

Met andere woorden: de ,,Offerande" wijdt toe het sakrificie, dat in de „Konsekratie" wordt geslachtofferd en in de „Kommunie" als sakramenteele spijs wordt genoten.

Beschouwen wij nu de gebeden, welke zich om deze hoofd-har.delingen heenscharen, dan bemerken wij spoedig, dat deze zich op tweevoudige wijzen richten:

a. tot de nog niet gekonsekreerde offer-bestanddeelen, dus tot het brood en den wijn,

b. reeds vooraf tot het h. Lichaam en Bloed des Heeren, waarin zij welhaast zullen veranderd worden; vandaar, dat zij, in dien zin genomen, nog vóór de Konsekratie, door de Kerk kunnen worden genoemd: „onbevlekte offerande, kelk des heils, heilige offergaven", enz.

Nog ééne opmerking. In de kerkelijke gebeden van den Canon, welke de priester gaat storten, klinkt de nederigste toon van den heiligsten ootmoed, die bij dit reinste aller offers de alleen voegzame is. Zóó zijn ook

Sluiten