Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

ca VIERDE HOOFDSTUK. °°

LITURGISCHE GEWADEN, KELK EN KELK-TOERUSTING.

„De kleedijen in de kerk zijn gelijk de sieraden, de lessen en geschriften voor de geloovigen." Durandus.

elijk in onzen hedendaagschen, kerkelijken eeredienst, zoo was het ook voorJ?$fj'ieen' zo° was ^et 0°^ 'n eerste wfShï'val christelijke tijden : men streefde immer ^-K ff «'IuI /Jb naar edelste en schoonste vormen voor bediening van het h. Sakri^'nFficie. De zanger der Altacrgeheimenissen spreekt ons, ook uit de dagen

ZINGENDE MAAGDEN: . «• » t »..» >

viniatuur vak fra brnidetto; van toen, over die kerkelijke gewaden

FLORENCE! 15e HEUW. /. .1 1

(paramenten), versierd met: „borduursels, die van gout en zilver krsecken, en diamant en purper en scharlaken." (*) De behoefte, om het stoffelijke door iets geestelijks te bezielen, lag ook zoo ongedwongen in de richting van

(!) Zijn tijdgenoot, Stalpaert van der Wiele, schreef uitvoeriger:

„De albe is Herodes' rok,

D' amict het oogverbondc jok,

De stool, manipel, Sihortclband,

De koorden, daer de Joodsche hand De Heer mee bon zoo menigmael.

Sluiten