Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

„blanke gewaden", de symbolen van lichtende waarheid en smettelooze deugd; in tegenstelling met de „zwarte" duisternissen en zonden. Tot in de latere middeleeuwen had de symbolieke kleur van het wit nog haar strijd te voeren tegen den „zwarten meester", waaronder men algemeen den duivel verstond.

Daarna werden, als onmerkbaar, de van elkander onderscheidene, liturgische kleur-gewaden allengs in gebruik genomen; gelijk met voldoende zekerheid blijkt: uit oude mozaïeken en afbeeldingen, ook uit eenige, weinige aanteekeningen van middeleeuwsche schrijvers. Zonder twijfel, werden zij voornamelijk tot verfraaiing der kerkelijke paramenten (!) aangewend, maar tevens tot uitdrukking van denzelfden symbolischen zin, welken wij nog heden aan de liturgische kleuren geven; zoodat minstens sinds den tijd van Paus Innocentius III ons vijftal ritueele kleuren, algemeen door het volk was aangenomen, zelfs geheel buiten eenige kerkelijke voorschriften om. Die kleuren waren en bleven ook in onze dagen:

wit, rond, groen, paars en zwart.

Eerst door de uitgave van het officiëele misboek door Paus Pius V (1579) werd haar gebruik verplichtend gesteld en tot juist omschreven toepassingen gebracht (*); tege-

(!) Over de werking dier kleuren als kunst-voortbrengselen kunnen wij hier, evenmin als over de paramenten als zoodanig, uitweiden ; wij vestigen 111 het voorbijgaan de aandacht op de studie over kleuren-harmonie door Dr Hefele, Beitrage II, TUbingen 1864; W. Legg. Notes on the history of the hturgical colours. London 1882; Zur symbol. der liturg. Farben(z. f. Chr. K. 19011.

() Ieder gewaad mag b.v, slechts één bepaalden grondtoon (color praedominans) bezitten en niet zoodanig gemengde kleuren, dat zij voor elkander kunnen dienst doen. Paramenten uit gek (zijden, linnen) stoffen zijn uitdrukkelijk en herhaaldelijk verboden; die uit goudbrokaat kunnen gelden voor roode, groene en witte gewaden, (niet voor paarse of zwarte); die uit zilverbrokaat slechts voor witte.

Sluiten