Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

die zich al maar heen en weer bewoog. Veel tijd gunden we ons echter niet, want de magen begonnen te spreken. Om twee uur 's middags hadden we het weinige brood, dat we meegenomen hadden, al opgegeten.

Toen we het laatste gedeelte van onzen weg, den trappenweg, weer te pakken hadden, kregen we 't vrij wat gemakkelijker en werd er weer gesproken, wat ons tusschen die steenen niet mogelijk was geweest, daar we ons te veel in acht hadden moeten nemen.

De eene gids was dicht bij den trappenweg bij een huisje verdwenen, waar hij wellicht woonde. De andere, die nog steeds voor liep, begon weer over het oude onderwerp. Hij bood aan, ons voor één lire naar de tram te Resina te brengen, en dat hij dan niet naar de politie zou gaan. Wij zeiden, dat hij niet moest denken, dat wij onbekend waren te Napels, doch dat we er zeer goed bescheid wisten en dat we 't eens met hem zouden probeeren bij de politie. „Ja, ja, naar de politie"!

Het duurde echter niet lang, of hij begon al weer, dat, als wij hem één lire gaven, hij niet naar de politie zou gaan, terwijl we anders minstens drie lire moesten betalen.

Op 't eind van den trappenweg ging de gids een zijweg in, terwijl wij recht doorliepen naar de tramhalte te Resina. I lij riep ons nog al achterna, dat we hem moesten volgen, als we naar de politie wilden, doch we gaven geen antwoord meer.

Na een minuut of tien kwamen we aan de halte, waar we 's middags uitgestapt waren. Per tram keerden we weer naar huis terug, waar we heerlijk uitrustten van den vermoeienden tocht.

Sluiten