Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

OUDEJAARSDAGVIERING TE ATIIENK.

Den volgenden morgen vroeg was Bielders, die toevallig op dien dag geen lessen had te geven, daar zijne leerlingen < )udejaar vierden, zooals hij zei, al bij mij en ik moest met hem mee. Het was druk op straat, een lawaai, net alsof t kermis was; de meesten, zoowel groot als klein, liepen met toeters, schelpen, ratels en al waar maar klank in zat, op straat. I Iet was een gekakel van belang, terwijl er druk met confetti en serpentines werd geworpen. Ook zag ik o. a. een troepje jongens, die met hun allen een schip, ter lengte van een paard, droegen en daarmee alle huizen afliepen. Een van hen liep dan met de pet in de hand, om het geld in ontvangst te nemen, terwijl de anderen uit al hun macht zongen, eene beweging dus, net als vroeger bij ons op Nieuwjaar.

hn onderwijl was Hielders al maar bezig ; nu eens maakte hij mij hierop opmerkzaam, dan daarop, vooral ried hij mij aan, eens op te passen, hoeveel menschen hem op straat

wel groetten ! Zij kenden hem allemaal ! Toevallig,

dat er net een paar waren, die hem met een knikje begunstigden . Kn als hij dan dien enkelen keer zoo gelukkig was, riep hij verrukt uit: „Kijk!... Zag U het?! die groette mij ook!' terwijl hij er dan even bij vertelde, wat voor hoog personage het wel was. Om nu met een enkel woordje van de Hollanders te Athene maar afscheid te nemen, kan ik nog meedeelen, dat ik binnen weinige dagen ook kennis met de andere landgenooten maakte, van de meeste van wie ik hetzelfde bescheid kreeg als van de twee eerste heeren, namelijk, 0111 geen omgang te hebben met „die anderen",

Sluiten