is toegevoegd aan uw favorieten.

Politieke gedichten

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

lusschei] de Kamers tot zeer kleine afmetingen is beperkt. — Maar niet alleen de leden van de Staten-Generaal, — Ook andere landsgrooten zijn op zoo'n dag in de zaal, Om 't eerst en direct van den Koning te hooren, Of Z. M. aan 'a lauds toestand heeft gewonnen of verloren, En om te vernemen wat in een volgend jaar

— Behoudens onvoorzien gevaar —

Door de Regeering zal worden verricht,

Volgens haar eer, geweten en plicht.

Al deze hooge personaadjes in 't goud, —

aaronder men de voornaamsten zonder fout Aan de breede linten en groote kruisen,

Die op hun geborduurde rokken huizen,

Moet herkennen, —

Hebben er zich van jongstaf aan leeren gewennen, Om bij de plechtigheid zóó deftig te staan,

Alsof ze naar een treurige begrafenis gaan,

En niet te dringen naar de voorste rij;

Wat ook niet net is van lieden als zij.

Als nu al de heeren zoetjes aan zijn vergaard,

Komt een deftig heer met een blonde of zwarte baard Om zijn rond of lang gezicht, of wel om zijn kin, De Kamer in,

Met een staf van klinkklaar goud in zijn hand

— Een eigendom van 't land —

Waaraan een rijksappel is gehecht,

En zegt:

z/De Koning!" zal zoo dadelijk arriveeren,