is toegevoegd aan uw favorieten.

Vragen en opgaven bij de Meetkunde voor aanstaande onderwijzers

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Bereken het oppervlak van den ring tusschen de omtrekken van die cirkels.

8. Hoe groot is de straal van een cirkel, die even groot is als de som van twee andere cirkels, welker stralen 6 en 8 cM zijn?

9. Hoe groot is de straal van een cirkel, die even groot is als het verschil van twee andere cirkels, welker stralen 12 en 13 cM zijn?

10. In een cirkel is een vierkant beschreven. Hoe verhouden zich hun oppervlakken ?

11. In een cirkel is een gelijkzijdige driehoek beschreven. Hoe verhouden zich hun oppervlakken?

12. De middellijn van een cirkel is even groot als de zijde van een vierkant. Hoe verhouden zich hun oppervlakken ?

13. Een vierkant en een cirkel hebben elk een omtrek van 4,4 cM. Hoe verhouden zich hun oppervlakken?

14. Van een cirkel is de straal 3,5 cM. Bereken het oppervlak van een sector, welks boog 45° is.

15. Van een cirkel is de straal 3,5 cM. Bereken het oppervlak van een segment, waarvan de boog 60° is.