is toegevoegd aan uw favorieten.

Rinske Sonnema

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

nen gelooven, ze zou gelukkig zijn geweest en den man hebben losgelaten, die haar moordde door z'n inconsequentie! Maar hij zou veranderen, hij moest veranderen, wanneer hij maar eerst met haar getrouwd was, ontrukt aan die menschen die hem besmetten door de gore zachtheid van hun afsmeltend geestesbestaan.

Zoo wond ze zich op uit haar leegheid in den hartstocht van 't verlangen, tot ze telkens weer neerplofte door de pijn van 't heden.

Vader had gelijk. Hij was niet ongeloovig genoeg. Dus moest ze hem loslaten en — schuld belijden?

Ze stond op en liep den tuin in, een beetje verwonderd aangekeken door de meid voor 't keukenraam om haar roode oogen en de droomerige manier waarop ze, al groen afplukkend, over de paadjes schoof.

Schuld-belijden — ongelijk erkennen. Ze zei niet neen, ze dacht niet neen, maar haar Friesche aard stuitte ervan terug, zooals iemand terugschokt voor een boom, waartegen hij op 't punt is aan te bonzen.

Een Sonnema buigen! En wanneer ze boog dan moest ze hem laten dien ze niet laten mocht, omdat ze hem redden wou voor de consequentie, redden uit 't flauw „verlicht" gewauwel van menschen, die ze had willen steken in 't ijzeren keurslijf van Calvin, om wat vastigheid te geven aan hun lamme ziele-lenden.

Een kleine twee uur bleef ze zoo jammeren van binnen, nu eens hangend op een tuinstoel, dan drentelend, soms midden door spinraggen en herfstdraden heen,