is toegevoegd aan uw favorieten.

Luide toernooien

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Ziet ge, de heer Jelgersma onderwijst zielsen geestesverschijnselen. Maar dat Kant het zóózeer boven alle andere uitmuntende werk over den menschelijken geest geschreven heeft, zóózeer dat de gedachten van gansch Europa hun architektuur ontvingen van zijn grondslagen, hij schat het niet gering, maar hij ziet er toch op neer. Dat Plato daarom ontvankelijke gemoederen schreien doet van bewondering en dankbaarheid omdat van dien menschelijken geest de bewegingen zoo fijn en zoo heerlijk kristalliseerden in zijn saamspraken, het is hem niet opgegaan. Dat alleen aan Descartes, alleen aan Spinoza al wonderen van ziels- en geestesleven geopenbaard werden, zoodat hen te kennen ook voor den leeraar in van dat leven de verschijnselen wonderen van bewustwording en wetenschap zal dagen doen, — neen, daaraan heeft déze leeraar niet gedacht.

Welk een onnoozelheid! Welk een afwijzing van materiaal dat onschatbaar is. En welkeen minachtende afwijzing.

Meent Dr. Jelgersma dat hij gekomen is tot