is toegevoegd aan uw favorieten.

De coupeur

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

— Fig. 88. —

Kellner Colbert.

Maten

Bovenwijdte. ... 00 cM. Onderwijdte. ... 1)0 ,, Bugbreedle. . . . 19 ,,

Korte taillelengte . . 44 cM Lange taillelengte 48 „ Gelieele lengte. . . 08 „

Trek een winkelhaak A —B en A—C.

Van A tot Al is 1/6 = 8 cM.

Van A tot D is llt + l/G = 20 eM. (rugbreedte).

E is de helft van D—C (voor de armwijdte).

F is de helft van E—C (halspunt).

Van F tot G is % = 8 cM.

De lijn G—A geeft punt II aan.

Van A tot I is Va =24 cM. (rughoogte).

Van A tot J is \\ cM. (korte taille).

Van A lot K is 48 cM. (lange taille).

Van A tol B is 08 cM. (gelieele lengte).

Van af K op de lange taille 2 cM. naar binnen gaan, punt V en van daar uil een lijn trekken lot A. Van deze lijn uit wordt de boven- en onderwijdte gemeten.

Van B lot B I is ook 2 eM.

De lijn H—0 geeft de schouderhoogte van den rug aan en de lijn A—N de carrurebreedte.

De rugbreedte op de taille verkrijgt men door een lijn te trekken van II tot l I.

Van af U den rug I V2 cM. verbreeden en van af BI den rug 1 cM. verlengen.

Trek nu nog de lijn V— D en teeken de omtrekken van den rug als het Figuur.

Tusschen rug en zijstuk uitnemen, op de lijn A—N 2 cM., op de armsgallijn I cM., op de korte en op de lange taillelijn 5 cM. en op de lengte I cM.

Punt 5 is V3 van N—M.

T is de helft van A—I.

W is de helft van T—I.

Van W uil een lijn trekken door N tot punt 4.

Plaats den winkelhaak op de punten 4 en 5 en geef de breedte van bet zijstuk op de korte taille aan, punt 0.

De haaksche lijn van af punt 0 geeft de onderbreedte van het zijstuk aan en de lijn W—N de hoogte.

De lengle van den zijnaad is 2 cl\I. boven de lijn B—U.

Teeken de omtrekken van het zijstuk als het Figuur.

De lijn T—C geeft de schouderhoogte van het voorpand aan.

Meet de schouderlengte van den rug en geef diezelfde lengle aan den schouder van het voorpand van af I cM. boven punt F tot X.

De halsdieple is '/« = 0 cM.

De kruislijn C—Y en Z—ZZ geeft de juiste halsholling aan tot Z.

Van af Z tot Z 1 ongeveer '2 a o cM. afsteken. Tusschen voorpand en zijstuk van af punt 0 den zijnaad 2 cM. tailleeren. De bovenwijdte van I I tot Q is 48+ 10 = 58 cM.

Plaats den winkelhaak op punt 4 en de borstlijn, richting Q, en trek een lijn door tot punt U, waardoor de onderwijdte wordt aangegeven, punten B en S. Van U lol U U is 0 cM.

Teeken de omlrekken van hel voorpand volgens bekomen punten zooals het Figuur.

De breuklijn is 5 cM. van af punt Z en doortrekken tot aan de korte taillelijn, punt B.

De seconuitsnijding aan den hals is 2 cM., wordt langs de breuk geplaatst en eindigt in een dwarssecon. Door het plaatsen van deze

Opstelling.