Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

van Rees |, Trip 15, enz. enz. Het getal ingeschrevenen bedroeg niet minder dan 32, wel dus een bewijs dat het nieuwe nummer algemeen in den smaak viel. Cranston en van Rees brachten het tot den final; de eerste had zelfs met dezen grooten handicap nog wel kunnen winnen, in den derden set was opeen oogenblik, nadat hij van owe 40—15 had opgehaald, de score »5 games to 4, advantage to Cranston.« Toen echter van Rees het 5 games all maakte, gaf hij het op en van Rees won 6—3, 3—6, 7—5. Intusschen van Rees kwam alle lof toe voor zijn zeer verdienstelijk spel, meermalen wist hij Cranston met zijn mooien backhand cross-stroke te passeeren. Cranston zelf was ook van deze meening en bood hem ten blijke er van een racket aan.

Cranston ging van hier door naar Hamburg en nu vergezelden hem de H.H. van Lelyveld, van Rhede en van Rappard. Hoewel geen der drie misschien ontving wat hij verwachtte, want v. Lelyveld meende met een partner als Cranston succes te móeten hebben/ terwijl van Rhede en van Rappard door hun overwinning in Den Haag ook een vrij hoog idee van hun sterkte hadden. Met ledige handen keerden zij niet terug: van Lelyveld won 3e prijs open doublés en 3e prijs handicap-single, v. Rhede 3e prijs open-single en met van Rappard 3e prijs handicap-doublés. Hier evenals in Den Haag was Cranston onoverwinnelijk, hij had alleen met den Duitschen kampioen Graf Voss-Schönau en in den final met zijn landgenoot W. Iloward eenige mpeite. Hij volgde dus het voorbeeld van Hughes, die ook na den prijs op den Bataaf gewonnen te hebben, van de HamburgCup bezitter werd. Het slechte voorbeeld door Hughes gegeven om later niet meer in Den Haag terug te komen volgde hij helaas ook: Hughes ging naar Australië (waar hij nu nog tot de beste spelers behoort) en Cranston hield geheel met tennisspelen op. Het was wel jammer, dat al degenen, die men zoo gaarne zag spelen op het Haagsche tournament, zoo langzamerhand gingen ontbreken.

Het Engelsche orgaan voor Tennis »Pastime« sprak met veel waardeering van den wedstrijd, vooral het spel van de H.H. van Rhede, van Rees, von Hemert en de gebroeders Beukema werd zeer geroemd.

De laatste wedstrijd van dit seizoen was die te Hilversum, het aantal inschrijvingen was niet groot en over het algemeen de wedstrijd niet belangrijk, De uitslag was, dat de Heer C. van Haeften won den Heeren-single, Mej. E. van Lennep Dames-single, Mej. C. van Lennep en Mevr. Blom Dames-double, de h.h. de Ranitz en C. van Haeften Heeren-double en Mevr. Blom en de Heer A. Woulfe Mixed-double.

Aan het einde van het overzicht van dit jaar gekomen, ziet men, dat achterwege bleven de tournaments te Haarlem en te Rotterdam. Toch was in de laatste stad wel een wedstrijd gehouden, maar deze was alleen open voor inwoners van Rotterdam. Het voorbeeld tot een dergelijken wedstrijd gaf de nog jonge vereeniging »Devonia«, dit had een groot succes en zoo volgde helaas de Anglo-Dutch L. T. C. het slechte voorbeeld. Slecht voorbeeld voorzeker, nu niet de huishoudelijke wedstrijden werden uitgeschreven naast open wedstrijden, maar de open

Sluiten