Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

kingen tot stand wfircn gekomen. Kn naarmate de waterlast grooter werd en de behoefte aan volledige drooglegging zich meer deed gevoelen, werden de dijken verzwaard en werd de bedijking uitgebreid. Toen verder de macht deigraven en hertogen het gezag meer centraliseerde en zij de belanghebbende landgebruikers nader tot elkander brachten, ontstonden er groote vereenigingen van belanghebbenden, 0111 voor gezamenlijke rekening dijken aan te leggen en te onderhouden. Dit was de oorsprong der groote dijk vereenigingen, welke vooral betrekking hadden op de groote rivieren en de zee.

1 hans werden aan de wateren perken gesteld en waren de rivieren in hun

De strijd tegen het water.

loop aan vaster banen gebonden. E11 in het gebied der Zuid-Hollandsche en Zeeuwsche wateren, waar van tijd tot tijd de platen en banken door verdere aanslibbing als eilandjes uit het water opdoken, kwamen weldra de dijkers, 0111 die eilandjes door een dijk geheel aan de overstrooming te onttrekken, 't Werd 0011 dijkbouwend volk, dat zich hier ontwikkelde, steeds op het water het oog gericht houdend.

Doch de ontwikkeling der techniek, om het water te bestrijden, gaf weldra nog andere hulpmiddelen aan. In de lpe eeuw kwamen windwatermolens in gebruik, waardoor men in staat werd gesteld, het water uit de lagere gedeelten van het land kunstmatig af te voeren. Dit hulpmiddel gaf een nieuwen stoot aan de uitbreiding der bedijking. Thans had men geen rekening meer te houden met lage ebben of lage rivierstanden, 0111 het water te loozen, maar kon men elk stuk land droogleggen. De lage streken, waar het water in enkele gedeelten des jaars moeielijk kon wegloopen, werden nu met kaden omringd, om het water van buiten te keeren, en een molen werd binnen den dijk geplaatst, 0111 het overvloedige water uit te pompen buiten den dijk. Zoo ont-

Sluiten