Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

zoo eigenaardig, dat ieder vreemdeling, die Nederland bezoekt, een tochtje langs of nog liever over den Vliet van Delft of Den Haag naar Leiden als een onmisbaar nummer op het reisprogram dient te plaatsen.

In die weilanden, verlevendigd door het kostelijkst rundvee, overwelfd door de onvergelijkelijk schoone Hollandsche luchten, met een diepte en teederheid, welke men nergens elders opmerkt, liggen de elementen, die de kunst van Ruysdael, Weissenbruch, de Marissen, Roelofs e. a. onsterfelijk maken. Al de Haagsche landschapschilders, wier penseel zich boven de middelmatigheid heeft weten te verheffen, hebben meer dan eenmaal de Trekvaart tot motiet gekozen", zegt Gram.

Deze landstreek, op de grens der geestgronden gelegen, was ongetwijfeld zeer vroeg bewoond. In den Romeinschen tijd liep de heirweg van het thans in zee gelegen Lugdunum Batavorum (Huis te Britten) over Forum Hadriani (Voorburg) naar de Maas tot Flenium, het door overstroomingen verwoeste Oud-Vlaardingen, vanwaar hij zich oostwaarts keerde langs den rechteroever dezer rivier, om vervolgens langs den linkeroever der Waal Noviomagus (Nijmegen) te bereiken.

Nabij de plaats van dat Forum Hadriani is het latere Voorburg verrezen. De overblijfselen der Romeinsche vestiging, welke door de Noormannen vernield werd, heeft men teruggevonden op het fraaie buitengoed Arentsburg, aan den Vliet gelegen, waar reeds in 1770 onderscheidene Romeinsche oudheden aan 't licht waren gekomen, o. a. de bronzen hand van een groot beeld. In 1827 en '28 werden hier door den Leidschen hoogleeraar Reuvens opgravingen verricht, welke op een diepte van 1 a IV2 meter de grondslagen van een oud Romeinsch gebouw aan het licht brachten, waarin overblijfselen van baden, huisraad, gereedschappen, penningen, enz. uit den Romeinschen tijd gevonden zijn, doch ook munten uit de 13e en 14e eeuw. Thans is er niets meer over, wat ons dat grijs verleden herinnert. Het fraaie Arentsburg met modern gebouw heeft reeds verschillende bestemmingen gehad.

In diezelfde streek verrezen gedurende de vorige drie eeuwen niet ver van het dorp Voorburg talrijke fraaie en flink aangelegde buitens der aanzienlijken uit Den Haag. 'tWas in den tijd met gebrekkige verkeerswegen, dat de stedeling, die de onrust der stad ontvluchtte, zijn buitens bouwde langs de land wateren, waar hij met boeiers en jachten gemakkelijk kon komen, waar varen en visschen de genoegens van het zomerleven buiten uitmaakten.

Vooral op het eind van den Tachtig jarigen oorlog, toen de zegepralen van Frederik Hendrik den erfvijand tot een eervollen vrede dwongen, was de zucht naar een kalm plekje gronds een natuurlijke reactie op de woeligheid der doorleefde jaren. Het was thans niet meer noodig, zich wegens de veiligheid binnen zware muren en hooge wallen op te sluiten. De rijkdommen, welke de Indien

Sluiten