is toegevoegd aan uw favorieten.

Van Eems tot Schelde

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

waarschijnlijk uit de 14de eeuw, toen het rondom het uitdel3de eeuw afkomstige kerkje werd gebouwd, terwijl het schip in de 15de eeuw werd voltooid.

Tusschen 1530—'32 werd het houten gewelf gemaakt, dat het koor overdekt, en in 1535 ving men aan met het gewelf boven het schip der kerk. Vóór het maken dezer gewelven keek men, beneden uit de kerk, tegen het dak aan. Alleen bleven nu de kruisarmen nog over; hierin bracht men een zoldering aan, welke er niet in behoorde. Eerst in 1891- '92 werden ook deze overwelfd en wel met steen. Na drie en een halve eeuw is dus ook dit onderdeel eindelijk geheel voltooid.

Vóór de oude parochiekerk had ook een toren gestaan, die tusschen 1470—'72 met het oude schip was afgebroken. Men begon nu een nieuwen toren te bouwen en op de kerk te zetten. In 1502 werd daarmede aangevangen; de vier pijlers onder het kruis waren bestemd, om dien toren te dragen. Na verloop van slechts weinig jaren bleek het echter, dat de grondslagen der kerk en de zuilen, w aai op de toren rustte, den last niet konden torsen. Toen werd besloten, den nog onvoltooiden toren weer af te breken, wat in 1516—'17 geschiedde. Kort daarna bouwde men den tegenwoordigen houten toren, waarop in 1520 het kruis werd geplaatst.

In den tijd, toen deze kerk nog aan de Katholieken behoorde, werd de heilige Bavo hier plechtig vereerd; een kostbaar zilveren standbeeld, negen Keulsche marken (2 pond, 1 ons) zwaar, werd voor den heilige hier geplaatst, en zijn o-ebeente in een zilveren kast bewaard, stond ten toon gesteld \ oor do geloo\ igen,

c5 '

tot het ten tijde van den Beeldenstorm naar Keulen werd vervoerd. De kerk telde in dien tijd 35 altaren; de pastoor werd Persona genoemd en was iemand

van veel invloed en aanzien.

Al is de uiterlijke glans van voorheen verdwenen, sinds de Hervormde eenvoud hier predikt, toch is de St. Bavo nog een gebouw, dat diepen indruk maakt door zijn grootsche lijnen en trotsche zuilen, die de hooge gewelven schragen.

Toen de kerk aan de Hervormden was gekomen, heeft men, als om het gemis der vroegere pracht te vergoeden, een rijk orgel daarin aangebracht.

De westelijke gevel van het schip wordt bijna geheel ingenomen door dit oroel hoos; 30 meter en breed 14 meter, dat zoowel door zijn statigheid en

O ? ö

sierlijkheid als wegens den omvang en pracht van zijn klank een Europeesche

vermaardheid heeft verkregen.

In het begin van 1735 besloten de Ed. Groot Achtbare heeren burgemeesteren en de Vroedschappen der stad, om op de plaats, waar zich het groote geschilderde glasraam van Gregorius van Egmond, bisschop van Ltrecht, bevond, dit nieuwe orgel te doen bouwen, waarvoor wrerden bestemd ƒ20.000 „uyt de Casse van de Heren van de Krygsraedt" en f 30.000 van de „Heren Regenten van t Proveniershuys", bijdragen, die ongeveer 1 ton gouds in hedendaagsclie munt