Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Bennebroek, in het hoog geboomte verscholen, op den achtergrond. De in regelmatige vierkanten ingedeelde velden, door groene hagen ingesloten, liggen thans doodsch en rustig; de tijd van rooien breekt weldra aan. Het vreedzame land wijst op zijn economische beteekenis voor de bevolking, welke niet aan groot grondbezit is gebonden, doch door den juisten weg te volgen en door helder inzicht van kleine vlakten veel opbrengst verkrijgt.

Nog een weinig verder en wij bevinden ons bij een huizengroep, op een kruispunt van wegen.

Daar links loopt de Bennebroeker laan: een sierlijke, rechte allee van iepeboomen, waarlangs de stoomtram naar het dorp Bennebroek loopt, om van hier langs een binnenweg over Heemstede naar Haarlem den weg te vervolgen.

Ongeveer midden aan de Bennebroeker laan staan wij voor het hotel De Geleerde Man, dat tot binnentreden uitnoodigt. De naam van deze druk bezochte uitspanning is overgenomen van een der meest gezochte herbergen aan den heirweg naar Leiden, welke voorheen aan elk Leidsch student en elk reiziger bekend was, wTaar men vergaderde en feestvierde, en zoowel de professor als zijn jeugdige, levenslustige leerlingen zich aan gezellig samenzijn wijdden. Die vanouds bekende „Geleerde Man" lag aan het eind der laan bij bovengenoemd kruispunt, maar is ongeveer in het midden der 19® eeuw verdwenen.

Wat sterveling in Nederland

Heeft ooit den weg bereên,

Die Hillegom van Haarlem scheidt,

Wie heeft bij u nooit aangeleid,

Zij 't nog zoo lang geleên,

Die zich uw naam, „Geleerde Man!"

Met blijdschap niet herinn'ren kan?

Wat ruiter kwam uw deur voorbij,

Die, hoe gejaagd hij was,

Niet straks den teugel had gekort,

En opgezien naar 't uithangbord,

Of, later, naar het glas,

WTaarop ge, o, roem van Bennebroek!

Stondf afgebeeld met leer en boek?

Des eersten Willems rosgespan

Hield aan uw viersprong op;

Ja, zelfs zoo menigmaal de held

Van Waterloo kwam aangesneld

In vliegenden galop,

Bedwong hij voor uw stal zyn ruin

En maakte een praatje met Jan Duin.

Sluiten