is toegevoegd aan uw favorieten.

Van Eems tot Schelde

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

trotsche gebouw is sedert het laatst der 18 eeuw met den grond gelijkgemaakt en ook de grachten zijn verdwenen. „Een enkele kleine steenhoop, rest van een der torens, op een hobbelig, vochtig weiland, is het geringe overschot, dat als de verlaten tombe op een verwoest heldengraf thans de plaats aanwijst, waar voormaals een der schoonste kastcelen van Holland do macht 011 hot aanzien van een der edelste Hollandschc geslachten eeuwen lang \cihiof. II( t

tegenwoordige kerkje verrijst nog op de plaats der vroegere slotkapel.

■* *

*

Van Egmond-aan-den-Hoef wenden wij ons naar Egmond-aan-Zee. Met een zachte helling loopt de weg door een duinvlakte en eindelijk dwars in het duin naar boven, en vóór wij het dorp bereiken, staan wij voor de Prins-Hendrikstichting, een groot gebouw, waar een paar honderd oude zeelieden met hun vrouwen of alleen verpleging en huisvesting vinden. De grijze, verweerde zeelieden, afgetobd door het zwerven over den Oceaan, doch voor wie de levenstaak geen toekomst verzekerd heeft, vinden hier rust. Maar toch, als de nooidw estenwind de golven opzweept tot zware waterbergen, die tegen het strand en het duin oprollen en in bruisend woeden uiteenspatten, dan ziet men die oude zeebonken aan zee, om zich te verdiepen in de herinnering hunner ervaringen.

Een weinig verder verrijst een herstellingsoord voor lieden uit den behoeftigen stand, die de zeelucht noodig hebben tot herstel van gezondheid. Een bekend Amsterdamsch weldoener, wiens hulp nooit tevergeefs wordt ingeroepen, heeft

hierin een aanzienlijk aandeel gehad.

Egmond is hierdoor een plaatsje, waar weldaden rijk gepleegd worden. \ ooi het eenvoudige dorpje, eens als visschersplaats opgekomen, is dit een A\aic behoefte; de visscherij van Egmond toch is verdwenen en de visschers varen op de vloot te Vlaardingen of elders. Velen hebben zelfs het dorp al verlaten. Het strand echter doet hier de badplaats eenigszins opkomen.

Wij keeren terug op. onzen weg, om van Egmond-aan-den-Hoef noordelijker te

gaan, en langs een afwisselend landschap aan den binnenduinkant, meestal met

hakhout van beuken, berken, elzen en eiken aan beide zijden van den weg,

zoo hier en daar een blik op het duinlandschap in het westen en op de schoone

weiden in het oosten slaande, waarbij een herinnering oprijst aan Schuilenburg,

voorheen een aanzienlijke hofstede in Wimmenum (niet ver van de plaats, waar

vroeger een kapel stond), komen wij weldra op een plek, waar de boschzoom

van het duin zich plotseling verbreedt tot het Bergerbosch. Dit bosch werd in

21*