is toegevoegd aan uw favorieten.

Van Eems tot Schelde

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

VAN DE RESIDENTIE NAAR DE MAAS EN TEN NOORDEN DER LEK.

I. DELFT EN OMSTREKEN.

Wij beginnen onze wandelingen door het zuidelijk gedeelte van Holland weder van uit de residentie, die wij op onzen eersten tocht tot uitgangspunt verkozen. Van Den Haag waren wij reeds langs Rijswijk tot den Vliet gekomen, (zie deel I pag. 120 en verder), en van hier zetten wij de wandeling voort in zuidelijke richting.

Thans zien wij, om dit terloops nog op te merken, dat Rijswijk sedert ons vorig bezoek zich snel uitbreidt, zoodat de hoofdtoegangsweg tot het dorp, die aan den eenen kant destijds nog door groene weiden begrensd was, nu aan beide zijden door huizen ingesloten en dus een straat geworden is, terwijl ook langs den weg naar Hoornbrug de aaneengesloten huizenrijen zich verder voortzetten

dan een paar jaren geleden.

Van Hoornbrug naar Delft loopt de vrij eentonige, belommerde straatweg, over welks bermen de zuchtende stoomtram prozaïsch voortholt, langs den oostkant van den Vliet in schier rechte lijn op Delft aan. In den bloeitijd van het Hollandsche buitenleven langs de vaarten in de vlakke landen was ook deze weg bezaaid met villa's en aanzienlijke huizingen. Doch van lieverlede zijn de buitens langs dezen weg gesloopt. De adellijke hofstede „Crayenburgh , ongeveer halfweg gelegen, eens in het bezit der voorouders van Hugo de Groot, is sinds jaren in weiland herschapen; een kleine woning op de plek heet nog „Groot Crayenburgh", maar niet meer dan de naam herinnert er aan het aanzienlijke buiten, welks fiere bezitters een wapen voerden met drie gouden bollen en drie gouden vogels op een zwart schild. Eenige fabrieken hebben de plaatsen der vroegere buitens ingenomen. Maar wat er ook verdwenen zij, het uitzicht van den weg op het Hollandsche grasland aan beide zijden, dat in II. 1