is toegevoegd aan uw favorieten.

Van Eems tot Schelde

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Dordrecht en Amsterdam vormden aldus niet alleen rijke koopsteden, maar waren in hun bloeitijd tevens de kweekplaatsen van kunst en wetenschap. De vergelijking van beide steden gaat nog verder: evenals Amsterdamsche letterkundigen zich in de 17e eeuw op het Muiderslot vereenigden, kwamen bij Dordrecht de uitstekendste geesten van den lande samen op het kasteel Develstein *), een half uur ten westen van Zwijndrecht aan den De vel, waar de Dordtsche Bevorens de kunstminnende en ontwikkelde gastheeren waren.

Was Dordrecht aan den eenen kant aristocratisch aangelegd, daarnaast bleven ook nergens oude zeden en gebruiken zoo lang in stand als hier. De ligging op een eiland kan daarvan niet uitsluitend de oorzaak geweest zijn, omdat men in de druk bezochte stad geenszins geïsoleerd stond; het verschijnsel is eerder te verklaren uit den zelfstandigen volksgeest, zoowel geestelijk als economisch. Gedurende het eerste gedeelte der 19e eeuw was hier de wijze van leven bij de aanzienlijken nog als in dc eerste helft der 17e eeuw, zegt Dr. Schotel van de stad zijner geboorte. Nog gingen de eerzame burgers in dien tijd des zomers tusschen thee- en koffie- of na koffietijd naar hun tuintjes en werkhuisjes aan de singels, of zaten in de schemering, de vrouwen in hare peliezen met de breikous in de hand, de mannen in de poederjas of japon met den gouwenaar in den mond, op de banken hunner stoepen. De Latijnsche scholen waren nog ingericht als in den tijd, toen Jan en Cornelis de Witt er ter schole gingen. Op Kerstmis at men korseweggen, op Paschen bont-gekleurde paascheieren, die ook aan den meester werden vereerd; op Hemelvaartsdag sloeg men den dauw; op Pinksteren gingen dc pinksterbloemen rond; men vierde pinksterdrie op liet veld van Mars en den eersten Mei danste men om den Meiboom. De volkstaal was nog dezelfde gebleven; dc burgers spraken nog in het oude dialekt of liever plat Dordtsch. Nog zei men „jochie", „koeksie", „meissie", „mannechie", „ien stiene hoisie", „een blaachie roiie koil", „voile geuten", enz. Zoo was men er gehecht gebleven aan het volkseigene, dat zich hier had ontwikkeld.

Hoe lang Dordrecht ook uitblonk boven Rotterdam in wetenschap, kunstzin en rijkdom, in lioogen naam der oude familiën, toch is het in de 19e eeuw op handelsgebied niet de eerste gebleven. Dc Merwedestad heeft zich door de Maasstad de kroon laten ontnemen. Dordrecht was rijk geworden door dc stapelrechten, maar in den tijd, dat de vrijhandel in dc Nederlanden zijn gunstigste resultaten gaf, klemde Dordrecht zich te angstvallig vast aan de verkregen middeleeuwsche rechten, die gedurende de 17° en 18° eeuw meer cn meer in verval kwamen. Tot 1795 heeft Dordrecht zijn stapel-

x) Dit slot in do Zwijndrechtsche waard werd in 1824 gesloopt.