is toegevoegd aan uw favorieten.

Langs Holland's stroomen

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

onderteekenaren van het Verbond der Edelen, bovendien de schoonbroeder van den beroemden Philips van Marnix, Heer van St. Aldegonde en een trouw vriend van Willem I, dien hij in onderscheidene gewichtige betrekkingen ten dienste stond.

Na deze werd Rutger Wessel van den Boetzelaar met deze Heerlijkheid begiftigd, een man niet slechts vermaard door den luister zijner geboorte of van zijn huwelijk met Amalia van den zooeven gemelden Heer van St. Aldegonde, maar vooral door de diensten, die hij door zijne wijsheid en ervaring in zake staat en oorlog het Vaderland bewees.

Rutger Wessel van den Boetzelaar verkocht de Heerlijkheid voor ƒ 38,000 aan de stad Dordrecht en sedert dien tijd bekleedden de burgemeesteren van die stad de Baander-heerschappij en bezaten ze het recht tot het aanstellen van een Baljuw te Merwede, benevens het vergeven van andere ambten en bedieningen , daaronder de zonderlinge van «Schout van Agt dagen over Dordrecht»

v

mede begrepen. De rechten en aanhoorigheden, die tot «het Huis te Merwede» oudtijds behoorden, waren zeer aanzienlijk en de macht die zijn eigenaren zelfs binnen de muren van Dordrecht uitoefenden, hoogst belangrijk. Waaruit men al mede kan afmeten, welk een hoog aanzien de Vrij- en Baanderheeren van «de Merwede» vroeger moeten genoten hebben.

Dit is in de historieboeken van het «Huis te Merwede» vermeld. Sagen en legenden zijn aan zijne geschiedenis niet verbonden. Maar ook zónder die gaat van zijn ruïne de weemoed uit van de droeve verlatenheid, het duistere verval na een tijd van glorieuse heerlijkheid. Daar hebben ridders en edelvrouwen gefeest. Onder hoorngeschal zijn zij ter valkenjacht gegaan. Op zomeravonden zijn zij in gondels de rivier afgevaren. En groot was de roep, die van de pracht en het hoofsche leven der edellieden aan de Merwede door Holland ging.

Van het trotsch gebouw is nu nog slechts een steenen brokkeling overgebleven: een triest grauw lichaam dat de magere muurarmen in klachte van vergankelijkheid ten hemel steekt.

Eigenaardig dat in de onmiddellijke nabijheid van dit monument van vroeg eeuwsch-levcn het meeste moderne bouwsel de rivier doorstreept: — de spoorbrug van de lijn Dordt—Gorinchem, een geelgetinte brugspanning met wijd-