Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

in den tegenwoordigen tijd is ook het verkeer met Duitschland er levendiger dan met de overige gedeelten van Nederland. Tal van werklieden uit Zuid-Limburg gaan eiken morgen met de werkliedentreinen naar Duitschland, om daar te arbeiden; vele brikkenbakkers uit de Maasdorpen gaan eveneens in den zomer een tijdlang naar Duitschland, terwijl voor een ruimen omtrek ook in Nederland Aken nog de marktstad is. Daardoor blijft het Duitsche element in deze grensgewesten grooten invloed behouden en werkt het 't sterkst op de bevolking. In het zuiden en westen aan de grens werkt op dezelfde wijze de Belgische invloed.

Vanouds hebben zich hier verschillende elementen in de taal opgelost. De oude Bourgondiërs brachten er iets van hun taal over, de Walen eveneens, en het kerkelijk bestuur van den bisschop van Luik moest wel invloed hebben op Maastricht, enz. Daarbij komt de geïsoleerde ligging der dorpen, die hun eigen

Limburgsche kar.

taal hierdoor bewaarden, wat verder nog bevorderd werd door de eigen besturen der vele heerlijkheden, die het zelfstandige karakter in de hand werkten.

Binnen den kring der hoofddialecten vindt men daardoor veel locale afwijkingen. De Venraaische boer heeft moeite den boer uit Epen of Vaals te verstaan. Het Venloosch dialect verschilt zeer van het zangerig Roermondsch, en dit verschilt weer sterk van het Weertsch, dat Brabantsche elementen bezit, en van het Sittardsch, waarin de „sch" een groote rol speelt. En hoeveel wijkt het Maastrichtsch af van het Eper, van het Valkenberger en van het Vaalser dialect! Zoo vormt deze provincie op taalgebied een bonte staalkaart, gelijk dit ook eens op staatkundig gebied het geval was.

Door die gemengde geschiedenis en afwisselende toestanden verkreeg de bevolking van Limburg iets bonts, evenals het landschap, en vertoont zij weinig Nederlandsch in haar uiting. Als men in Limburg reist, ontvangt men steeds

Sluiten