is toegevoegd aan uw favorieten.

Van Eems tot Schelde

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

beukenlaan Beek-en-Royen, en vervolgens de schoone plaats van Hoog-Beek-enRoyen met prachtige waterpartijen, een hertenkamp en geboomte van allerlei soort en kleur. De buitens schakelen zich langs den Driebergschen weg aan elkander en vormen een bekoorlijke reeks van boomgroepen en bloemperken, in de meest verscheiden afwisseling. Rechts zien wij in de verte de buitenplaats Blikkenberg, links de vriendelijke huizinge Sparrenheuvel; vervolgens krijgen wij rechts het fraaie buiten Schoonoord, met heerlijke groepen van beuken en waterpartijen, en links van den weg nog Molenbosch, Heenewegen, Eikenhof, de Breul, alle flinke buitens; rechts zien wij ook nog onderscheidene villa's met verlokkende namen, als „Mon Repos", „Sans feouci", enz. De Breul, nl. Groot de Breul, is een statig buiten met mooien oprit en vriendelijke waterpartijen. De aanleg van vele tuinen en ook van dezen A\ijst op den stijl ^an Zocher. De Breul was in vroeger tijden een gehucht, behoorende onder de hooge heerlijkheid van Zeist, doch met een eigen ambachtsheer. Het was leenroerig

aan de Baronie van IJselstein.

't Is een fraaie, belommerde weg, dien wij hier hebben afgelegd. Doch wij hadden ook een anderen weg kunnen nemen, meer noordoostelijk, die op eenige minuten afstands evenwijdig loopt aan den hoofdweg, achter langs de buitens aan den weg, links en meer door de bosschen. Die weg is de Oude Arnhemsche weg, welke tot Doorn doorloopt. Oudtijds werd deze weg van Utrecht naai Rhenen des winters gebruikt; des zomers volgde men den weg over Odijk, A\ erklioven, Sterkenburg eri Leersum, doch toen Napoleon bevel gaf, den straatweg van Utrecht naar Arnhem aan te leggen, werd voor het gedeelte van Zeist tot Doorn de tegenwoordige route gekozen. De oude, verlaten weg is daardoor rustiger, met hier en daar een nieuw villatje, een landwoning, of arbeidershuizen. Voor den wandelaar, die hier eenigen tijd vertoeft, heeft deze weg veel bekoorlijks; wij moeten ons echter houden aan de hoofdroute.

* *

Wij zijn het station Zeist-Driebergen genaderd. De schoone, belommerde straatweg naar Doorn, bijna een aaneengesloten villarij, slechts hier en daar afgebroken door een weide, ligt vóór ons. Doch in de eerste plaats valt het fraaie plantsoen met waterpartijen, bloemperken en bekoorlijke lanen in het oog, dat zich aan de linkerzijde van den weg langs de spoorbaan uitstrekt. Dit is het openbare AA illinkspark, een schenking van den heer J. A. Willink te Amsterdam, die zijn prachtig buiten Beerschoten, benevens den daarover gelegen Hertenkamp, aan de gemeente Driebergen heeft vermaakt, om tot openbare wandelplaats te worden ingericht,