is toegevoegd aan uw favorieten.

Algemeene geschiedenis

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

in 429 werd Pericles weer tot hoofdstrateeg gekozen. Maar toen was het

einde van den grooten Athener reeds nabij; in den zomer van 429 is hij aan Pencies +, pes|. gestorven.

Een opvolger zijner waardig heeft hij niet gevonden. Had hij langer geleefd, hij zou misschien een principaat hebben gevestigd. Dat hij aan zoo iets heeft gedacht, blijkt hieruit, dat hij met voorbijgaan van zijn naaste verwanten, zijn neef, den jongen Alcibiades, tot zijn opvolger in het politiek gezag bestemde. Alcibiades, die in 450 was geboren, is na zijns vaders dood in het huis van Pericles opgevoed; deze had evenwel zijn onstuimigen aard niet kunnen beteugelen. Alcibiades beschouwde zich als de kroonprins van Athene, wien alles vrijstond. Al spoedig won hij door zijn schoonheid, zijn vermetel optreden, zijn viijpostige teugelloosheid, maar ook door zijn geniale Alcibiades. begaafdheid de gunst van het Atheensche volk. Met geestdrift sloot hij zich bij de modernen aan, wier theorieën van vrijheid en relativiteit hij in de praktijk omzette in bandeloosheid op ieder gebied; met minachting van wet en zeden pronkte hij. Maar zijn beteren aanleg dreef hem naar Socrates, den besten man van Athene, den feilen bestrijder van sophisten, den prediker van een nieuwe, persoonlijke ethiek. Een redenaar was Alcibiades niet;? zijn redevoeringen maakten niet door schitterenden woordenpraal en oratorische schoonheid indruk, maar door het gewicht der argumenten; hij overtuigde de menschen meer dan dat hij ze meesleepte. Het eenige, wat hem ontbrak, was zedelijke ernst; daardoor is ten slotte zijn loopbaan mislukt, zijn anders aantrekkelijke figuur bedorven. Toen Pericles stierf, was hij nog te jong om hem onmiddellijk op te volgen; maar dat hij de toekomstige leider van Athene zou zijn, werd door niemand betwijfeld.

In zijn plaats traden andere mannen op. De voornaamste daarvan was Cleon. Cleon, de demagoog, de leider der oorlogspartij. Tegenover hem stond Nicias, het hoofd der aristocraten. Nu eerst werd Athene een volledige democratie; maar nu eerst ook kwamen de schaduwzijden daarvan scherp naar voren. De nieuwe machthebbers beheerschten niet zooals Pericles het volk, maar vleiden het; zij zeiden het niet de waarheid, maar wat het gaarne wilde hooren; zij namen niet die maatregelen, die zij noodig achtten in het staatsGebreken belang, maar die zij verwachtten of wisten, dat het volk aangenaam waren.

democratie.

In plaats van te leiden volgden zij de volksstemming van den dag. Waar de stand van zaken zoo was, stegen mannen, begaafd met een gladde tong en met een behoorlijke mate van onverschilligheid voor de middelen, die zij gebruikten, spoedig naar boven; zij kwamen in de hoogste staatsambten en aanvaardden met een licht hart de grootste verantwoordelijkheid. Het volk, gevleid dooiden mild gebranden wierook, gaf hun gaarne de leiding; maar critisch als het was aangelegd, zag het toch ook met genoegen en voldoening, hoe de demagogen in den schouwburg werden bespot en gehekeld. En één cathegorie van ambten hield het volk voorloopig voor de demagogen gesloten, de