is toegevoegd aan uw favorieten.

De Nationale Konst-Gallery en het Koninklijk Museum

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

De beide stukken van Carl Ruthardt zijn niet meer aan te wijzen, maar de Schoenmakerswerkplaats prijkt nog onder de juiste benaming van David Ryckaert, evenals de Lieve Verschuier, in 't Rijks-Museum, van welk laatste stuk de uitlegging van de voorstelling geen geringe wijziging heeft ondergaan, want thans ziet men daar terecht in de Aankomst van koning Karei II van Engeland te Rotterdam, 24 Mei 1660.

Toen Temminck de laatstgenoemde twee stukken aanvroeg, meldde hij tevens, dat hem niet lang geleden een portret van Tromp was aangeboden; hij was hierover al in onderhandeling getreden, toen hij onverwachts gewaar werd dat het aangekocht was voor het Museum te Parijs. Daarom vroeg en kreeg hij nu machtiging om, ingeval er geen gelegenheid was, vooraf de autorisatie van den Raad van Finantie te verzoeken, »al zulke stukken de vaderlandsche historie betreffende als voor het Cabinet geschikt zijn" aan te koopen, mits van eiken aankoop rapport doende.

Reeds spoedig werd Temminck in de gelegenheid gesteld de geleden schade in te halen, want 11 Mei 1803 kocht hij van Huybrechts voor / 2400.— vier portretten der familie Tromp, n.1. Maerten Harpertsz. en zijn vrouw Cornelia Teding van Berkhout, benevens Cornelis Tromp en zijn vrouw Margaretha van Raephorst, beide door Johannes Mytens. Behalve dat van Maerten Harpertsz. zijn ze alle nu nog in het Rijksmuseum. Ook waren er bij sabels, stok en donderpistool, door hen gebruikt.

20 Juni 1803 kon Temminck wederom een belangrijken aankoop vermelden. Toen gold het den aankoop voor ƒ2159—10 van : 1).

Aankoopen, Huchtenburg, Een gevecht.

30 juni 1803. Saenredam, Een kerk gestoffeerd door Ostade.

D. Teniers, Een gevecht bij 't verbreken van 't Bestand.

Th. de Keyser, Hoogerbeets en zijn familie op Loevestein.

Mierevelt, Portret van Uittenboogaard.

De Huchtenburg en de de Keyser zijn thans nog in het Rijksmuseum, en de zoogenaamde Teniers vinden we wel nog in den catalogus van het Koninklijk Museum van 1809, rnaar is nu niet meer aan te wijzen.

1) Rijksarchief, Res. v. Thes. Gen. Raaden v. Fin., Nass. Dom. 295.