is toegevoegd aan uw favorieten.

De Nationale Konst-Gallery en het Koninklijk Museum

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

den Jonge (N°. 75): >NB. was door hem van Jan IJver voor /250.— gekogt"; en voor ƒ2100.— Wouwerman's Overwinning der boeren (N°. 142): »Was door hem voor ƒ 2500.— gekogt uit het cabinet van Lublink."

In dezelfde maand nam hij van Jacob de Vos een landschap van Jacob van Ruisdael over voor ƒ400.— »de Prijs waarvoor Zijn E. het eenige maanden te voren van de Heer Nijman had gekogt". Van der Pot twijfelde later aan de juistheid der toeschrijving; hij sloeg in zijn journal Ruisdael's naam door en schreef er naast dien van Hobbema, met de opmerking: »zeer zeeker zegt P. J. Thijs". In den auctiecatalogus van 1807 werd het stuk echter aan Joris van der Hagen toegeschreven (N°. 46). Lang heeft het dien naam gedragen, doch in de laatste catalogi van het Rijksmuseum wordt het weer aan Jacob van Ruisdael teruggegeven (N°. 2981).

Nog verwierf hij in 1782 van zekeren G. van der Hoofd voor ƒ31.— 10 st. Ostade's Boer met een kan. Dit stukje is in den autiecatalogus van 1807 genoteerd als door Isaac van Ostade (N°. 98), maar sedert lang heeft het zijn oude benaming terug.

1783 In 1783 was van der Pot niet minder gelukkig, niet zoozeer wat het aantal, als wat het gehalte der aankoopen betreft. 9 April nam hij op een verkooping te Amsterdam van Ploos van Amstel voor ƒ300.— over twee Land- en Watergezichtjes van Jan Brueghel (N°. 21) en 6 Aug. kocht hij er uit het kabinet Jan de Neufville de Heems, Bloemen en Vruchten (N°. 49) voor /50.— en Lingelbachs Zeehaven (N°. 72) voor /201.—.

Belangrijker was het >Hofgezigt" van Jan Weenix (N°. 135) dat hij 22 Sept. 1783 op de veiling van den in 1781 te 'sGravenhage overleden Pieter Locquet voor ƒ1200.— verwierf 1).

Eindelijk kocht hij in dit jaar van den heer Mossel voor ƒ 4900.— Dou's Avondschool (N°. 251), die Mossel 8 Sept. 1766 te Leiden voor ƒ4000.— op de verkooping der weduwe Allard de la Court gekocht had.

1784 Het jaar 1784 brengt voor ons doel slechts twee schilderijen. 16 Oct. 1784 kocht hij van Pieter Fouquet Jr. te Amsterdam voor ƒ1300.— een »osse- en een schapendrift in een keurig landschap" van Berchem (N°. n), en 1 Nov. van dezelfde voor ƒ1950.— een fruitstuk van Jan van Huysum (N°. 58).

1785 Belangrijker waren de aanwinsten in 1785, immers 14 Aug. van dat jaar nam hij van Jacob de Vos te Amsterdam voor ƒ 230.— over het »strand- en zeegezigt" van Jacob van Ruisdael (N°. 108), dat sedert 1825 door ruiling in het Mauritshuis berust, en 19 Nov. kocht hij van de Neufville, zeepsieder in den Oliphant »alhier" d. i. te Rotterdam 2) — voor ƒ 4000.— de twee prachtige Willem van de Velde's met voorstellingen uit den Vierdaagschen Zeestrijd (No. 133). Ze waren 18 Aug. 1762 op de veiling Joh. Pieter Wierman te Amsterdam voor ƒ1200— verkocht.

1786 Ook in 1786 slechts twee stukken, een landschap van Pynacker, »waar ineen liggende stam van een boom op den voorgrond" (N°. 105), 3 Jan. 1786 voor ƒ1500.— gekocht van P. Fouquet Jr., die het stuk van den zooeven genoemden zeepsieder de Neufville verworven had; en 11 Jan. nam hij zelf van de Neufville nog over Flinck's Zegening van Jacob, voor ƒ 8000.— (N°. 37).

1) Dit stuk is dus niet afkomstig van de verkooping Herman ten Kate, Amsterdam 10 Juni 1801.

2) Deze zeepzieder in den Oliphant, aan de Hoogstraat, is eerst 28 Juli 1811 gestorven, en klaarblijkelijk niet in gunstige finantiëele omstandigheden, want zijn erfgenamen aanvaardden zijn nalatenschap niet dan onder benificie van inventaris.