Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Het kan voor een bewijs van Lodewijks zwakheid worden gehouden, dat i hij reeds in 817 besloot een mederegent te benoemen. Op een rijksdag te AL-nn werd Lotharius tot medekeizer aangewezen:

— o

verder werd Pepijn Koning van Aquitanië en Lodewijk van Beieren. Voorloopig waren de zonen nog te jong om zich ernstig tegen den Keizer te verzetten; Lodewijk vond dan ook alleen tegenstand bij zijn neef Bernhard, die zich door deze rijksverdeeling bezwaard gevoelde. Om hem verzamelden zich de vrienden van Karei den Groote,

/lip in Hfi zwa.kkfi rPffAPvino1 van T.nrlownk rta

Munt van Lodewijk den Vrome en zijn zoon Lotharius als mederegent.

— — - —o — o --

kiem van alle verderf zagen. Maar nog voordat de opstand uitbrak, was Lodewijk reeds gewaarschuwd en riep hij met ongewone energie den heerban op. Daarmede was het gevaar bezworen: de grooten onderwierpen zich; Bprnhard, door niemand meer gesteund, gaf zich aan zijn oom over, die hem tot het verlies zijner oogen veroordeelde. Kort daarna is hij gestorven. Lotharius werd Koning van Italië.

In hetzelfde jaar stierf Keizerin Irmengard. Kort daarna sloot de Keizer een tweede huwelijk met Judith, de dochter van den Alemannischen graaf'

Het graf van Innengard te Erstein.

Vclfj stamvader van een roemrijk geslacht. Spoedig beheerschte de jonge eizerin, die aan een scherp verstand en hooge geestesbeschaving een sterke overredingskracht paarde, Lodewijk volkomen. Zij schijnt geheel voor de kerkeU e partij gewonnen te zijn: de vrienden van Karei den Groote geraakten

Eerste rijksvërcleëliiig,

817.

)pstand van Bernhard.

Tweede iu wel ijk van den Keizer inet Judith,

820.

X' -:V ^

Sluiten