is toegevoegd aan uw favorieten.

Algemeene geschiedenis

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

krijg en een ervaren aanvoerder. Hij mag dan niet de bezielende aanvoerdei zijn geweest, zooals de sage hem teekent, een der leiders was hij stellig. Zijn broeders Boudewijn en Eustachius en zijn neef Boudewijn van Rethel vergezelden hem. Ook in Italië rustte men zich uit. Vooreerst Boëmund, vorst van Tarente, de zoon van Robert Guiscard, een man van geweldige kracht en groote energie, die zijn godsdienstig geloof en brandenden strijdlust in dienst van een niets ontziende eerzucht wist te stellen. Zijn neef de wakkeie

Tancred, het ideaal van een kruisridder, volgde hem. In den zomer was een leger van ongeveer 300,000 man op de been, alle goed geschoolde soldaten, wien het noch aan wapenen, noch aan andere hulpmiddelen ontbrak. Alleen de eenheid liet veel te wenschen over. Eerst te Konstantinopel zouden allen zich vereenigen.

Het ligt voor de hand, dat Alexios bij het naderen van deze heerscharen tusschen vrees en hoop werd geslingerd. Hij had zelf de hulp van het Westen ingeroepen, maar zulk een reusachtig leger had hij niet verwacht. Warit dit leger zou ongetwijfeld de Muzelmannen verslaan, maar zou het dat doen in

dienst en ten voordeele van den Keizer? Op zichzelf was reeds de aanwezigheid van zulk een groot leger in het rijk een gevaar. Hoe dan ook, de betrekkingen van Keizer en kruisvaarders moesten georganiseerd worden.

Alexios heeft zijn verhouding tot de kruisvaarders niet verstandig geregeld. Een overeenkomst, waarbij den Keizer Klein Azië, aan de kruisvaarders S^iië was toegekend, zou in beider voordeel zijn geweest. Maar Alexios was niet met Klein-Azië tevreden; hij eischte van de kruisvaarders den leeneed voor alle vroegere Byzantijnsche provinciën, die zij mochten veroveien. Natuuilijk werd dit geweigerd door Godfried en de zijnen, die in goede oide dooi ZuidDuitschland en Hongarije in het Grieksche rijk waren gekomen. In den winter van 1096 op 1097 lag nu het kruisleger aan den Bosporus, terwijl de onderhandelingen niet tot een einde konden komen. Ten einde raad gieep de Keizer naar de wapenen. Het doel werd bereikt. De kruisvaarders werden verslagen. Godfried en de zijnen- legden den eed af. Boëmund, die met de Italianen over zee was gekomen, volgde dat voorbeeld. De kruisvaarders

staken daarop naar Klein Azië over.

Het eerste doel was de verovering van Nicaea, dat in handen der Seldsjoekken was. In den zomer van 1097 moest een geregeld beleg woiden

Beleg van Nicaea, 1097.

Zegel van Godfried van Bouillon.

De kruisvaarders in het Grieksche rijk.