Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

grootsche, verheven kathedralen te doen verrijzen. Het tongewelf, dat zware muren en zuilen noodig had, werd vervangen door het ribbengewelf, dat slechts op weinige punten had te steunen. Had men tot dusverre slechts zware, lage kerken kunnen bouwen, het werd thans mogelijk de kerken hoog op te trekken, zonder aan de soliditeit afbreuk te doen. Hoeveel verhevener, hoeveel indrukwekkender de kerk daardoor werd, kan iedereen constateeren, die een Gotische kerk met een Romaansche vergelijkt. Natuurlijk heeft deze overgang langzamerhand plaats gehad; duidelijk is het aan vele Fransche kerken nog te zien, hoe de bouwmeesters eerst na herhaalde pogingen en proefnemingen tot de Gotische eindoplossing zijn gekomen. Maar al zijn uit den

De kathedraal te Reims.

eersten tijd ook reeds meesterstukken van bouwkunst bewaard, de kathedralen te Parijs, Chartres, Reims, Amiens, SaintDenis, Beauvais en Bourges, waarin de Gotiek haar volmaking bereikte, dagteekenen uit de 13de eeuw. De Gotische, of zooals zij in de middeleeuwen met meer recht werd genoemd, de Fransche architectuur verdrong het Romaansch door geheel Frankrijk, later door geheel Europa. Gelijk met de kerkelijke bouwkunst ging het met de burgerlijke. Frankrijk werd in de 12de eeuw met een net van kasteelen overdekt, waarvan de resten ons nog met bewondering voor zooveel kunstvaardigheid en zooveel soliditeit vervullen. Ook de steden werden met zware muren omgeven. De andere kunsten waren natuurlijk zuiver decoratief. In de beeldhouwkunst bleef men nog lang de oude, classieke motieven nawerken. In de

Sluiten