is toegevoegd aan uw favorieten.

Algemeene geschiedenis

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

DERDE HOOFDSTUK.

De crisis in West-Europa.

1377 —1399.

ffl e zoon van den Zwarten Prins volgde krachtens de gemaakte

lö bepalingen als Richard II zijn grootvader op. Het oude

ISlIèSrj K spreekwoord: ongelukkig het land, welks Koning een kind m WÊWÈk *S' *S ze^en z0° droevig bewaarheid als destijds in Engê-

land. Want de regeering van Eduard III had in Engeland beginselen van gisting en beroering achtergelaten, die tot bedenkelijke uitbarstingen zouden kunnen, ja moeten leiden, zoo niet een scherp verstand de nooden des volks begreep en tevens de middelen vond om die te lenigen, maar ook een vaste hand de opbruisende golven van verzet en oproer binnen de perken hield. Zulk een hoofd en zulk een hand ontbraken in Engeland geheel.

De gisting, die Engeland destijds doortrilde, was van tweeërlei aard, godsdienstig en maatschappelijk. En het is opmerkelijk, dat deze beweging" onafscheidelijk verbonden is aan de eerste beginselen der eigenlijk gezegde Engelsche letterkunde. Hoog had voor eeuwen de Angelsaksische poëzie gebloeid; geen andere der Germaansche volken had zulk een letterkunde voortgebracht als het Angelsaksische. Maar de veroveringen der Denen, vooral later de landing van Willem den Veroveraar en de daarop gevolgde romaniseering van het Engelsche volk hadden deze ontwikkeling gestuit. Met het volk verdween zijn taal, met zijn taal zijn letterkunde. Eerst eenige eeuwen later, toen uit de menging van Normandiërs en Angelsaksen het Engelsche volk was ontstaan, toen het Angelsaksisch, doortrokken van den Franschen woordenschat, het Engelsch was geworden, eerst toen kon weer een Engelsche letterkunde ontstaan. Zoo zien wij dan ook eerst in de 14(le eeuw weer nieuw litterair leven ontluiken. Het debuut was schitterend. Niet met zwakke

A** 63

Richard II. 1377-1399.

Gisting ï Engeland.

I ®

I