Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

by de gemelde vloot. Zijne Hoogheid, de Prins van Oranje, werd door de Heeren Staten gemachtigd, de vloot, die men van hier derwaarts zou zenden, van bekwame kapiteins te voorzien. Bij die gelegenheid werd ook op De Ruiter gelet, die nu zooveel proeven van kloekmoedigheid had gegeven en zooveel naam verworven, dat Zijne Hoogheid, op het goede getuigenis zijner landsluiden, hem niet alleen tot Kapitein aan stelde op 't schip „de Haaze," maar meteen tot Schout-bij-nacht over de geheele vloot.

Den 4den October vernam de Admiraal bij kaap Sint Marie, van een scheepje van Marseille, uit Lissabon komende, dat de Portugeesche vloot aldaar was binnengekomen, wegens de ziekte van haren Admiraal, doch dat de Koning last had gegeven, dat ze weêr in allerijl in zee zou gaan, naar kaap Sint Vincent zeilen en zich aldaar bij de Hollanders voegen. Van de Franschen werd gezegd dat ze zich daar ook ophielden. Toen vond men goed alles bij te zetten en zich allereerst naar Sint Vincent te begeven. Doch de Nederlanders vonden daar geen vrienden, maar vijanden. Den 3den November, omtrent middernacht, werden ze, niet ver van die Kaap, twee vuren gewaar, en bleven daar tot den anderen morgen. Toen zagen ze de vijandelijke vloot, bestaande uit negen galjoenen, tien Duinkerksche koningsschepen, vier fregatten van Duinkerken, met een karveel ') tot een jacht, te zamen vierentwintig zeilen, 's Morgens te acht ure geraakten de twee vloten slaags. Hier hebben eenige weinigen, met name De Ruiter, hun eer en eed naar behooren

') Portugeesch \aartuig van middelbare grootte.

Sluiten