is toegevoegd aan uw favorieten.

Uit het leven en bedrijf van den heere Michiel de Ruiter, Hertog, Ridder etc., L. Admiraal-Generaal van Holland en Westfriesland

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Kapiteins nog op het Admiraalschip waren, kwam De Ruiter's schip achterom loopen en 't volk riep dat het schip zou zinken, waarop hy zich in der ijl derwaarts begaf en zoodanige orders gaf dat het voornaamste lek werd gestopt. Daarna weer onder zeil gaande, kwamen ze na 't uitstaan van veel onweder '), den derden dag na 't gevecht, op de stroom van Lissabon, behalve vyf of zes schepen, die door den storm van hen afgedwaald, na weinig tyds ook binnen kwamen en naast de andere tot voor de stad zeilden. De Ruiter vond zich door 't lek van zyn schip genoodzaakt voor Restiers ten anker te gaan. Doch door 't onstuimige wêer kon hy niet aan lager wal komen om het lek te stoppen. Hier leggende vernam hij dat de Fransche vloot naar Frankrijk was vertrokken en dat de Portugeesche voor Lissabon lag, terwijl ze zich in zee by de Nederlanders had moeten voegen, waartoe men dagelyks door brieven hoop had gegeven. Toen 't weêr wat bedaarde, zette De Ruiter zyn schip aan den grond om het dicht en schoon te maken. Men vond toen een schot naby de kruitkamer en een opening van wel twee en een halve voet lang en anderhalve voet breed, zoodat het schip, indien men niet met alle macht het lek had gestopt, tydens het gevecht had moeten zinken, ook al had men twintig pompen gehad. Verscheidene andere schepen moesten insgelijks hunne lekken stoppen en eenigen hunne stengen en masten wangen a). Terzelfder tyd kwam iemand, door den Koning gezonden, met den Nederlandschen Consul aan boord van De Ruiter, terwyl Admiraal Gysels nog in zee was, hem vragende waarom de Nederlandsche vloot was binnengekomen. Hy verhaalde hoe men met de

') Slecht weer.

2) Met klampen vastzetten.