is toegevoegd aan uw favorieten.

Uit het leven en bedrijf van den heere Michiel de Ruiter, Hertog, Ridder etc., L. Admiraal-Generaal van Holland en Westfriesland

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Neptunus, voorzien met acht-en-twintig stukken en bemand met honderd-vier-en-dertig koppen. Maar de zeemacht die omtrent de Wielingen vergaderde, moest eenigen tijd op ettelijke oorlogsschepen, die in Texel en andere zeegaten lagen, wachten. Doch De Ruiter kwam den lOden Augustus voor Ostende bij de vloot, die toen vijftien oorlogsschepen sterk was en twee branders. Twee andere branders waren, onder eenig voorwendsel, tegen de orders in, naar huis gezeild en in Zeeland aangekomen. Eenige dagen daarna begaf hij zich op last der Heeren Staten naar de Hoofden, nu sterk geworden twee-en-twintig oorlogsschepen en zes branders, doch onbekwaam en lek, wachtende voor Kalis op de schepen uit Texel. Kort daarna kwam kapitein Q-abriël Antonisz, met het schip genaamd het Kasteel van Medemblik, voerende zes-en-twintig stukken geschut en honderd eters, onder zijn vlag. De Heeren Staten hadden hem last gegeven, dat hij de koopvaardijschepen, die in Texel zeilree lagen, om naar de West te gaan, zou geleiden tot door 't Kanaal en dan in 't Kanaal kruisen om te passen 1) op de schepen, die men uit Spanje en andere landen om de West, verwachtte, en die weder herwaarts te brengen. Te dien einde had men de vloot koopvaardijschepen, in Texel liggende, gelast zich vooreerst naar de Wielingen te begeven, om te zien of zij daar de oorlogsvloot konden aantreffen, en zoo niet, die dan op te zoeken in de Hoofden of in 't Kanaal. Middelerwijl werd den Kommandeur De Ruiter, uit twee scheepjes, komende van Londen met Nederlandsche gevangenen, (die van de genomen schepen waren gekomen en door 't Parlement ontslagen) bericht, dat ze bij een Engelsche oorlogsvloot waren geweest,

') Letten.

fe