is toegevoegd aan uw favorieten.

Uit het leven en bedrijf van den heere Michiel de Ruiter, Hertog, Ridder etc., L. Admiraal-Generaal van Holland en Westfriesland

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

't kasteel op te eischen en redenen te geven van zyn bestaan ').

Op wat wyze die brief werd overgeleverd en of daar eenig antwoord op terugkwam, is my niet gebleken. Dan, 't is zeker dat Selwyn niet gezind was voor woorden te zwichten, maar alles te hoop haalde om zich te verweren. Men moest hem dan met kracht aantasten. Ten dien einde begon het gelande volk, toen sterk elfhonderd man, omtrent den middag in goede orde langs het strand gang te maken, zes in 't gelid. De soldaten, geleid door Graaf Johan Belgicus van Hoorne als Kornel, hadden de voortocht. Daarop volgden de matrozen, onder den Schout-by-nacht Van der Zaan als Opperhoofd en de Kapiteinen Isaak Sweers, Jan van Nes, Jakob Swart, Govert 't Hoen en Jan du Bois, Kapitein op De Kuiters schip. Eenige bootsgezellen van elk scheepsvolk, daar hunne Luitenanten 't bevel over hadden, droegen elk een stormleer. De matrozen en soldaten hielden in 't trekken het strand of de rechterhand. De Negers van del Mina en Mourée, hulpelingen en vrienden van de Hollanders, die desgelyks omtrent elfhonderd man uitmaakten, hadden elk een stuk doek of een das van Slesiger lijnwaad om den hals, opdat men hen door dat teeken van de vyandelyke Negers zou onderscheiden en trokken ter zyde van de Hollanders aan de linkerhand door een kreupelbosch, dewyl ze, dat gewest kundig, daar beter wisten door te raken, en slechts twee en twee in 't gelid achter elkander gingen. Ook hadden ze de beste kennis om de hinderlagen der Kormantynsche Negers te ontdekken. In deze orde trok men op het heetste van

') Daden, onderneming.