Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

schepen en voor zulk een merkelijk gedeelte, als Prins Robbert toebracht, nog ten eeneninale versch en frisch; de Nederlanders hadden toen nog by den anderen vier-en-zestig oorlogsschepen, doch alle, door het gevecht van twee dagen en het vervolg van den derden dag, zeer beschadigd en gematteerd '), van de rest der Nederlandsche vloot waren, gelyk verhaald is, drie gezonken of verbrand en de andere met hare pryzen naar Holland geloopen, of masteloos, of om mastelooze te sleepen, uit de vloot en naar de havens gezonden. In dezen stand van zaken heeft de Generaal De Ruiter, nu nog een zwaar gevecht te gemoet ziende, des nachts, om de zanden te vermyden en meerdere ruimte te hebben, met een klein zeil Oostwaarts aan gesteken en 's morgens vroeg eerst den Krygsraad en vervolgens al de Kapiteinen aan boord geseind en hen alle tot hunnen plicht met ernstige woorden vermaand, voorts een ieder last en order gevende waarnaar hy zich zoude richten. De aanspraak, daar de Generaal De Ruiter de zynen door moedigde, was, naar gelegenheid des tyds, kort van woorden. „Hier ziet gy, sprak hy, de Engelsche, hier ziet gy de Nederlandsche oorlogsvloten. Wat de Engelschen tegen ons vermogen, hebben de vorige dagen geleerd. De stryd van eenen dag, daar 's Lands wel- of kwalykvaren aan hangt, hebt gy nog met my uit te houden. De macht om 't vaderland te verdedigen is u ter hand gesteld. De Heeren Staten, de vaders des vaderlands, onze bloedverwanten, onze vrouwen en kinderen, de liefste panden, haken naar den gelukkigen uitslag. Wilt u toch de zegekrans, die gy in 't gevecht van drie dagen zoo manhaftig hebt weggesleept, niet laten ontrooven. 't Is dezelfde vyand,

') Afgemat (van de bemanning gebezigd).

Sluiten