Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

met het brandschip Pro Patria Van Brakel volgende, zeilde recht op de ketting aan, zoodat ze brak, en hij het tweede schip, genoemd Matthias, dat ook weleer den Hollanders was ontweldigd, gemonteerd met twee-en-vijftig stukken geschut, aan boord legde, zijne dreg vasthechtte, en er den brand in stak. Doch eenigen melden dat de ketting door order en en beleid van den Schout-bij-nacht Vlug werd losgemaakt, brengende of zendende eenige matrozen aan land, die een der ijzeren bouten, daar ze aan vast was braken, en dat die bout nog heden ten dage te Enkhuizen, ter nagedachtenis van dat stout bestaan, wordt bewaard. De Kommandeur Hendrik Hendrikszoon, met het brandschip de Catharina, die toen stoutelyk volgde, meende toen het schip Karolus Quintus, insgelijks door de Engelschen van de Nederlanders weleer genomen, en toen gemonteerd met zestig stukken, aan boord te komen, maar werd in den grond geschoten, en zonk voor de boeg en ten deele aan de zijde van den Karolus Quintus. De derde brander, genoemd Schiedam, gevoerd door den Kommandeur Gerrit Andrieszoon Mak, toen daarop aankomende, is insgelijks aan de andere zijde van 't schip gezonken, maar zoo nochtans dat die, aan brand rakende, ook den gemelden Karolus Quintus eenigszins ontstak, zoodat dit schip den ganschen dag smeulde en smookte, en den volgenden nacht in de lucht spróng. Anderen zeggen, dan Kapitein Brakel met de sloep van Kapitein Naalhout, zijn eigen sloep en boot verloren hebbende, eerst naar dat schip voer, en, met een gedeelte van zijn volk bij de boeg en valreep opklimmende, de Engelschen in de wapenen vond om hen te weren; maar dat ze, hem ziende, om kwartier riepen, en zich opgaven; dat hij de Kapitein, die 't zocht te ontzwemmen, gevangen kreeg,

17

Sluiten