Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Royal Oake, of den Koninklijken Eikeboom, ViceAdmiraal van de witte vlag, en stak er den brand in: zoodat de Royal Oake ten eerste lichter lage brandde. Maar de James en Loyaal London niet genoeg brandende, vond men zich genoodzaakt aan ieder schip nog een brander te zenden, waardoor ze voort ontstoken werden. Dus zijn die drie schepen, de grootste en weerbaarste van gansch Engeland, voerende elk tachtig stukken geschuts, tot het water toe afgebrand, en vernield. Het vierde, de Marmout, een nieuw schip met een stomp gallioen, liep de Rivier op en ontsnapte ternauwernood dat groot gevaar. De Nederlanders hadden wel gaarne de Rivier hooger op geloopen: maar 't soldaat- en zeemanschap liet zulks niet toe; ten deele om de engte, ook waren daar eenige rakken ') in den wind, en daar lagen ettelijke wrakken in den grond. Dat groote werk was ten drie uren na den middag al verricht, en dat in 't gezicht van den Hertog van Jork en den Generaal Monk, Hertog van Albemarle, die, gelijk men uit eenige gevangenen vernam, daags te voren nog op de gemelde drie schepen waren geweest, en zich nu te Rochester of daar omtrent onthielden. Dees zagen nu de glorie van de Engelsche scheepsmacht, onlangs nog zoo ontzaglijk, voor hunne oogen in rook en vlam vergaan, en 't verbranden van de koopvaarders in 't Vlie, na tien maanden dags 2), met den brand der Koninklijke oorlogsschepen betaald gezet. De Nederlanders verheugden zich nu in zoo groot een zege, die hun op weinig bloeds stond: want zij hadden, zoo op de branders als schepen van oorlog, geen vijftig, of, gelijk anderen melden, geen

') Lang rechtdoorloopend gedeelte van een vaarwater.

"') Uitstel, tnsschentijd.

Sluiten