Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Daarna werden telkens weer andere fregatten en vaartuigen op kondschap ') uitgezonden. Twee schepen, waarvan 't een den 12den, door harde storm, zyn boegspriet en fokkemast, en 't ander zyn groote mast had verloren, liet men binnen de Wielingen boven Vlissingen tot op 't Fiaak zeilen, om zien weer van spriet en masten te voorzien. De tijding van den slag voor Souwisbaajj, die men verstond dat tot eere en handhaving des Vaderlands was uitgevallen, kwam den 9de van Juni in Den Haag, en recht ten tyde om de verbaasde gemoederen van groot en klein, door droeve maren (die dagelijks van de landgrenzen kwamen) terneergeslagen, weer eenigszins te verkwikken en op te beuren. Want terwijl men ter zee de Engelsche en Fransche bijeengevoegde vloten op de Engelsche kust dorst bestoken, en manhaltig 't hooid bieden, deed wijnen, het Koninklijk Admiraalschip der blauwe vlag in brand stak, en de vijanden zoo matteerde, dat ze, den volgenden dag ten strijde gedaagd, net gevecht, hoewel ze 't voordeel van den wind nadden, ontwe&en: zoo dreef alles aan de landzijde over stuur. De grenzen werden door drie legers van den Koning van Frankrijk, en het leger van den Keurvorst van Keulen, en Bisschop van Munster, in 't begin van Juni, tegelijk aan alle kanten overvallen: Orsoij, Burik, Weezei en Rijnberk, in vier dagen tijds, byna zonder weerbieding '*), veroverd. Op Rijnberk, een der sterkste vestingen van den Staat, viel vermoeden van verraad. De andere steden gaven zich op door kleinhartigheid, onmacht en onorde. De Koning trok voort. Ben schielijke schrik, die 't verstand bedwelmt, en de krachten verstikt, had de harten bevangen. Men verwachtte alle oogenblik dat de IJsel van de

') Tegenstand.

Sluiten