Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

door den ouden Homerus zijn te boek gestel^, gaf F é n e 1 o n gelegenheid den jongen prins over de Grieksche oudheid te onderrichten en hem daarbij zijn eigene beginselen op zedekundig en staatkundig gebied in te prenten. F éne Ion, de leerling en vriend van Bossuet, werd, zijns ondanks, door de omstandigheden tot diens mededinger en vijand gemaakt. Zekere godsdienstige leerstellingen, die te Rome als ketterij waren veroordeeld en in Frankrijk door M e v r o u w Mevr. Guyon. Guyon met warmte en dweepzieken ijver in woord en geschrift werden verkondigd, hadden bij F é n e lo n instemming gevonden. Deze afdwaling van de rechtzinnige leer was een doorn in 't oog van Bossuet en werd de aanleiding tot een heftigen en hardnekkigen strijd tusschen de beide bisschoppen, die met de veroordeeling en onderwerping van Fénelon eindigde.

Het opgewekte gezelschapsleven en de geestelijke verfijning der aanzienlijke standen in het Frankrijk der 17e eeuw deed tusschen de voornaamste personen van dat tijdperk een omvangrijke en uitmuntend verzorgde briefwisseling ontstaan. Verscheidene brievenbundels uit dien tijd, waaronder de brieven, die Mevrouw de Sévigné aan haar dochter schreef, Mevr. de vooral uitmunten, hebben hun plaats in de geschiede- Sévigné. nis der letterkunde behouden, als voortreffelijke staaltjes van klassiek Fransch proza.

En dan, de bekoorlijke f a b e 1 e n van L a F o n t a i n e! La Fontaine. Wie kent ze niet, al is 't ook maar bij naam? Ook zij zijn een der merkwaardigste voortbrengselen van dezen voor de Fransche letteren zoo vruchtbaren tijd. Op twee dezer fabelen, n.1.: die van den Vos en de Druiven en van De Vlieg en de Postkoets, wordt in onzen roman een toespeling gemaakt. De eerste behandelt de bekende geschiedenis van den vos De Vos en uit Gascogne (Gascogne is het land van de bluffers en de Druiven.

Sluiten