is toegevoegd aan uw favorieten.

De Prinses Orsini

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

een kleinen lessenaar, dien zij tot aan haar dood toe gebruikt heeft.

Hier bewoog zich hare kleine gestalte vlug en zenuwachtig soms heen en weer, of kon zij langen tijd zitten mijmeren met eene wonderlijk onbeschrijfelijke uitdrukking in de nadenkend© lichtblauwe oogen tot een kleinigheid haar plotseling tot het werkelijke terugvoerde. Hier ook werden dagelijks de koffie en het middagmaal genoten.

Mijn oom werkte boven in een paar vertrekken, die heel anders ingericht in schoone harmonie allerlei bevatten, wat hij als schilder noodig had.

Tot 1862 woonden zij in dat huis om naar een anderen singel over te gaan, die evenals de Zuidwal een uitzicht gaf op het groene veld, toen nog onbebouwd, daar mijn tante rust zocht voor het oog en een verschiet vóór zich om gemakkelijker te kunnen werken. En dit jaar en de daarop volgende zouden bijzonder merkwaardig zijn voor haar. Nog herinner ik mij levendig de spanning die er heerschte aan dien Binnensingel, toen Busken Huët Mevrouw Bosboom zoo heftig had aangevallen over eene ontboezeming van hare zijde tegen de opkomende moderne richting. Was zij mogelijk te ver gegaan: haar wederwoord aan Busken Huët was onberispelijk fijn, zacht en fier, zoodat dit dispuut hiermede eindigde. En toch Busken Huët had met haar nog niet afgerekend. Hij was het die twee jaar later in „Kroniek en Kritiek" in ,,de Gids" een dier later beroemd geworden letterkundige schetsen schreef, inzonderheid het drietal Leycester-romans prees en haar de volle maat gaf in erkenning harer g r o o t e gaven.

Was het erkentelijkheid hiervoor of nog iets anders, dat bij Mevrouw Bosboom-Toussaint eene blijvende gehechtheid aan Busken Huët deed ontstaan? Mogelijk beide.