Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Toch, ondanks mijn voorkeur, was ik gepredestineerd om niet met de stoomboot terug te keeren.

Ik vond te Harlingen eene kennis uit mijne schooljaren, die jonggetrouwd het Nieuwediep tot woonplaats had en evenals ik voor een poos bij hare familie logeerde. Zij zou de terugreis doen met een jacht van de K. N. Marine, waarmeê een officier van de werf om dienstzaken naar Harlingen was gekomen. Zij sloeg mij voor, van dezelfde gelegenheid gebruik te maken en over het Nieuwediep naar Alkmaar terug te keeren: de reis was veel korter dan over Amsterdam. „Zij was dan niet zoo alleen; ik moest eenige dagen bij haar blijven uitrusten, haar man leeren kennen, haar kindje zien. Ik zou het mij niet beklagen haar gehoor te hebben gegeven; het Nieuwdiep was een aardige plaats..„En de Helder zeer intéressant," voegde de hoffelijke zeeofficier er bij, die, van Friesche afkomst, ook met mijne familie bekend, de welwillendheid had, zijnerzijds drang te voegen bij de noodiging mijner vriendin. De vraag was maar voor mij, een paar dagen mijn verblijf te Harlingen te bekorten. Als men een beetje in de vroegte aan boord ging, kwam men reeds in den voormiddag aan, en de passagiers van het Jacht hadden nooit last van zeeziekte! Het eerste argument besliste, zelfs waar men niet al te vast geloofde aan het tweede. Mijne voorzichtige tantes zeiven vonden het meer raadzaam dan de reis met de stoomboot. Als Noord Ilollandsche kon het mij niet onverschillig zijn met de belangrijke zeeforteres kennis te maken, en ik gaf dus het vriendelijke aanbod gehoor.

Weêr en wind werkten meê om den overtocht te bekorten; wij konden op het dek blijven, zooveel wij wilden. Het Jacht liep voort, of het voor zijn plezier de golven kliefde. Het opgeruimde humeur en de hof-

Sluiten