Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

men gissingen over de ongewone handelwijze van den vreemdeling. Want hij was niet uit Touraine, schoon hij een Franschen naam droeg; hij was van de overzijde der Pyreneën, of wel van achter de Alpen tot hen gekomen. Niemand kende hem en hij maakte zich bekend bij niemand. Ruim acht jaar geleden was hij gekomen; niemand wist van waar of waarom, zonder een enkelen bediende met zich, en had aankoopen van grondgebied gedaan, die alleen met vorstelijke schatten konden worden betaald. Daarop waren er vreemde bouwlieden en vreemd werkvolk aangerukt, en tevens, zoovelen er uit den omtrek werk begeerden, konden bij hem worden geplaatst, mits zij bekwaam werden bevonden. Zij kregen hoogere dagloonen dan ergens elders, en de Sieur was altijd rondom hen, vaak genoeg met eigen handen hen helpende en onderrichtende, waar zij het noodig hadden. Zoo trok hij het kasteel op, waarvan vroeger gesproken werd, toen in de gemeente het plekje gronds werd te koop geveild dat de Indre tot een eiland had gevormd. Ook dit kocht hij aan, en liet er het lusthuis oprichten, met eene haast, die bewees, dat hij er een bepaald doel mede hebben moest. Dat doel werd ten deele duidelijk, toen hij, na een vrij lange afwezigheid, terugkeerde met een jong meisje, dat niemand gezien had en dat toch door ieder, die van haar aanwezen hoorde, nu eens als een wonder van schoonheid, dan weder als eene drake van leelijkheid werd beschreven. De jonge dame wandelde nooit buiten het eiland. Zij had slechts twee vrouwelijke bedienden met zich gebracht, doch sinds hare aankomst had de Sieur verscheiden bedienden in zijn dienst genomen; door dezen was de pracht die er heerschte, de leefwijze des meesters, de zonderlinge omstandigheid, dat hij voor zich het eenvoudigste vertrek had uitgekozen, aan de weetgrage menigte

Sluiten