Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

de salie des Passans9) wordt geen bon mot10) meer gezegd, niemand heeft meer geest! ik geloof, dat men zich terughoudt, om Madame de Maintenon te ergeren, die zich verpijnt, om geestigheden uit te vinden of op te zoeken, om een Vorst te vermaken, die niet meer a m u s a b e 1 is, maar niemand vertrouwt haar de zijne, want ze worden degelijk als sa s o 1 id i t é ze overbrengt."

„Maar, d'Erlanges ! als gij er zoo over denkt, wat doet gij er dan, en vooral, hoe komt gij er?"

„Gij ziet, dat ik er geweest ben. Eene zending naar Spanje is zoowat eene verbanning, die als een gunstbewijs, als eene uitspanning wordt opgedrongen, die men aan sommige jongelieden gunt, welke hun verdriet over het hofleven wat heel luid uitroepen, en die men wat terzijde wil zetten, zonder juist een harden maatregel te gebruiken. Men heeft opgemerkt, XVJII dat ik door den Hertog van Orleans werd onderscheiden, en dat zou genoeg geweest zijn voor eene volVIII strekte ongenade, zoo niet Beauvilliers zich ter rechter tijd had herinnerd, dat ik tot zijne familie behoorde, en zoo niet Mevrouw de Hertogin van Berry ") zich de

zaak had aangetrokken "

„Ik wist, dat gij aan het Huis van de Hertogin van Berry verbonden waart, maar ik dacht niet, dat die invloed iets kon uitwerken."

„Toch wel I Mijnheer de Hertog van Orleans is gerezen, sedert den dood van de Hertogen van BourXIII gondië en Berry; hij is de eerste prins van den bloede, dat mag toch wel iets beteekenen I Schoon het schande is, zoo weinig als zij vooruit hebben op de gewettigde prinsen; die flauwe du Maine, opgevoed in al de kwezelarij en huichelarij van de Maintenon, staat naast de zonen van Frankrijk, naast de eerste prinsen van den bloede, of hij er bij hoorde. Het is in waarheid

Sluiten