Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Van dien dag af vertelde Fran^ois zijnen meester niets meer van de Hertogin de Bracciano; zelfs noemde hij nooit meer haar naam, maar hij werd stil en meer dan ooit ingetrokken; zijn oog verflauwde en zijne wang werd bleeker; hij was zonder lust, zelfs voor zijn geliefkoosden arbeid, zelfs bij de bevelen van zijn weldoener, en er was slechts één uur op den ganschen dag, waarin hij bezield scheen te zijn: het was dat, waarop hij zelf het toezicht ging houden op den bouw van de villa des Hertogs de Bracciano.

Op zekeren dag stormde Bojacci het kleine vertrek binnen, waar zijn leerling, in somber gepeins verzonken nederzat, in plaats van potlood of passer ter hand te nemen, en riep hem verdrietig toe:

„Povero Francesco! gij hebt wel tegenspoed; de man, die uw beschermer had moeten worden, Prins Orsini, is gestorvenI"

Frangois werd doodsbleek. „De echtgenoot van de Hertogin de Bracciano?" vroeg hij met doffe stem.

„Ja! 't is hard, niet waar? gisterenavond overleden aan eene zenuwberoerte; de Hertogin was op een feest — zij had niet moeten uitgaan; de gezondheid van haren heer was reeds lang wankelend."

Toen kleurde een donkere blos het gelaat van den jongeling, en hij stond schielijk op en greep zijn hoed.

„Waar gaat dat heen, jonkman?" vroeg Andrea verwonderd.

„Naar haar — naar de Hertogin I" voegde hij er langzaam en beschroomd achter.

„En meent gij waarlijk dat gij nü zoudt worden toegelaten, en waartoe dat — die dwaasheid — dat alleen zou genoeg zijn om u alles te doen verliezen."

De jongeling wilde iets antwoorden, maar de Maestro Bojacci wilde niets hooren, legde hem het stilzwijgen op, ondervroeg hem naar zijne werkzaamheden, vond

Sluiten