Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

nu hij begreep, dat Filips nog eenige voorzichtigheid wist te gebruiken.

„Nog vreemder, dat men er den Koning mede komt verontrusten," hernam de Camarera-Major streng.

„Mag ik la Signora Principessa onder de aandacht brengen, dat zij mij nog geene seconde onbespied gehoor heeft kunnen geven, sinds ik de eer heb in haar dienst te zijn," zeide Alberoni met beduiding; „en dat ik zeker kon zijn, dat de Koning haar mededeelinig zoude doen van al mijne woorden; mijne Signora Principessa vertrouwt mij toch wel zóóveel overleg toe, om onzen gezegenden monarch niet tot het werktuig te kiezen van eenig verraad tegen zijne vriendin! zoo ik dat bedoelde..Die overweging stelde Orsini in waarheid gerust.

„Ik heb nog den Koning moeten zeggen, dat die aarzeling van het Spaansche Hof de ministers en het Fransche Kabinet ontrust; maar hetgeen ik Zijner Majesteit niet moest zeggen — en dat u te weten noodig is... een vroegere argwaan is bij Koning Lodewijk weder opgeschoten..

„Mijn Hemel! welke dan?" vroeg Orsini ongeduldig.

„Uwe Hoogheid vergeve mij, het klinkt vermetel, maar zij is zelve het voorwerp van dien argwaan. Men vreest, dat vernuft en schoonheid, zeldzame gaven en zeldzame deugden u brengen zullen op een troon, die gij reeds zoo na staat..

„Foei, foei, 1'Abbé!" zeide zij met het welgevallige glimlachje, waarmede zij zwak genoeg was iedere vleierij te beloonen — „op mijne jaren... de Koning..

„Alle Dames klagen over haar ouderdom, juist als zij nog niet oud zijn," zeide Alberoni; — „maar in ernst, Principessa! de zaak is waarschijnlijk genoeg om tegenspraak noodig te hebben. Wat de Koning u ried,

Sluiten