Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

uit te spreken, toen er een Heer uit het rijtuig afsteeg in militair gewaad, die verzocht te mogen spreken met de bewoneres van het kasteel. Toen dit geweigerd was, toonde hij een bevel van den Maarschalk Villeroi, dat hem machtigde tot een mondgesprek met de jonge Dame, die zich op Chante-Loup bevond. Maar de Huishofmeester hield onverschrokken stand, en verklaarde geene bevelen te erkennen en te ontvangen, dan van zijn meester, die juist bevolen had niemand binnen te laten. De krijgsman scheen zich hiermede te vergenoegen, ten minste het rijtuig vertrok; dan in den avond kwam het terug, voorzien van een gewapende macht, en dezelfde persoon toonde nu dezelfde order, die hij nu bereid scheen met het geweld, dat in zijne macht was, te steunen. Jeróme durfde geen strijd aanvangen met 's Konings krijgslieden, ten minste niet voor dat zijne jonge meesteres zelve had beslist wat zij hierin wilde gedaan hebben. Diana meende te moeten toegeven, en nu trad de krijgsman binnen, eene Dame geleidende, die gemaskerd was; beiden hadden een lang gesprek met Diana, waarna de Jonkvrouw het vertrek verlaten had, leunende op den arm der Dame, Jeróme met geen enkel woord had toegesproken, maar hem slechts de hand had gereikt, als tot een afscheid; want nauwelijks durfde de trouwe man zijne oogen gelooven; zij volgde de Dame in het rijtuig, en toen hij haar in het overgaan van het plein den wil haars vaders wilde herinneren, zeide zij alleen: „Ik gehoorzaam aan de naaste mijner betrekkingen" — en het rijtuig reed weg! Den volgenden dag kwam een bediende hare kamenier afhalen en eenige goederen vragen, die der jonge dame onontbeerlijk waren. Men had sinds dat oogenblik niet meer van haar gehoord. Maar Jeróme, die begreep, dat nasporingen, zelfs als zij gelukten, nutteloos zouden zijn,

Sluiten