Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

„Nooit, dan dat ik in het gebed aan haar denken moest, en haar liefhebben als een doode."

Diana voelde de hand der Prinses koud worden in de hare.

„Laat ons bij Mevrouw van Egmond gaan," zeide Mevrouw Orsini opstaande.

„O dat is goed, die zal zeker de voorspraak wezen van mijn verzoek."

„Welk verzoek, Diana?"

„Dat gij mij veel vertellen wilt van mijne moeder; de Gravin heeft het mij gezegd, dat gij hare bloedverwante waart... en dit ook heeft mij bewogen met haar mede te reizen, hoewel," hier zag zij naar een ring aan haar vinger, volmaakt de gelijke van dien, welken wij den Sieur Frangois hebben zien dragen — „het bevel mijns vaders natuurlijk alles heeft beslist..."

„Ik zal u van uwe moeder spreken, als gij beloven wilt mij lief te hebben als of ik het ware," sprak Mevrouw Orsini, terwijl zij haar naar het vertrek voerde, waar de Gravin en haar reisgenoot intusschen hadden vertoefd.

De Prinses verwelkomde nu de Gravin, hare nicht, en begon zich met deze te onderhouden over hare ongewachte lotswisseling, en vond bij haar al die deelneming, welke zij van hare vriendschap konde verwachten. Daarop spraken zij zacht over Diana, en de Prinses Orsini vroeg, of zij hare begeerte omtrent deze had volbracht.

„Ik ben van den voorgeschreven regel geen oogenblik afgeweken, ofschoon het moeite kostte, een jong meisje op zulk eene strenge wijze af te zonderen, in het midden van Parijs, in mijn huis, zonder haar tot een gevangene te maken!" antwoordde Mevrouw van Egmond. „Gelukkig was zij aan eenzaamheid gewoon, en voegde zich daarin volgaarne. Zij heeft niemand

Sluiten