Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

IV.

Een enkele bedelaar zat nog op de trap der Moskee. Emin gaf hem een aalmoes. Het was echter nog niet zóo donker of Nelly zag, hoe Emin tersluiks den bedelaar een blinkend goud- of zilverstuk, onder de koperen munt, in de hand stopte. „Hoe vele groote en edele hoedanigheden liggen er toch verborgen in dien Arabier," dacht zij. Zij liet hem natuurlijk volstrekt niet merken dat zij iets van zijn rijke gift aan den bedelaar gezien had. Zij zeide eenvoudig:

„In de stemming, waarin ik nu ben, wil ik liever niet dadelijk naar huis gaan. Ik zal eerst een bad gaan nemen."

Hij vergezelde haar.

Hij bood haar niet zijn arm, zooals een Frank zoude hebben gedaan. Zwijgend liep hij naast haar voort, in zijn tulband en zijn met bont omzoomden lichtblauwen kaftaan, van top tot teen gelijkende op een prent uit het sprookjesboek. Hij was en bleef voor haar hetzelfde

Sluiten