Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

wasemde, zonder te weten wat zij zag. Op een verwijderde, rood gestreepte minaret zaten duiven in lange reeksen om het lijstwerk en om de balcons, als kransen van witte pioenrozen rond een Mei-stang geslingerd. Alles was in slaap en in rust.

Nelly kon niet besluiten om van het venster af te gaan. Zij hoorde de uitvoerige redeneering van Harven als een gesoes van onsamenhangende woorden. Een poos verstond zij niets van hetgeen hij zeide. Toen kwam er nu en dan een volzin die zij in zich opnam, waardoor zij iets gevoelde en die hare neerslachtige stemming nog somberder maakte.

Toch was zij er hem dankbaar voor dat hij voortdurend bleef praten. Uit vrees dat het gesprek eindigen en zij daardoor genoodzaakt wezen zou, om van het venster af te gaan, begon zij er enkele losse woorden tusschen te werpen, als hij voor het oogenblik niets meer te zeggen had. Zij koos het onverschilligste onderwerp — hun vertrek van hier.

Zij zeide nu, evenzoo als altijd, aan den wil van haar vader gehoorzaam te zullen zijn. Als hij voldoende stof voor zijne humoresken verzameld had, dan was zij bereid om met hem naar huis terug te keeren. Toch — dit bekende zij ronduit — maakte de gedachte eene stad, die zij zoo lief had gekregen, weldra te zullen verlaten, haar bedroefd. Het Oosten was hare eersteen groote liefde.

Sluiten